Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vaardigheid, rechtvaardigen, rechtvaardigmaking in de eerste plaats historische uitdrukkingen d. w. z. dat zij, gelijk dit het geval is in iedere taal, denkbeelden uitdrukken, die gangbaar waren in den kring waarin zij zijn ontstaan. Zij verplaatsen ons dus op israëlietischen bodem: zij zijn de uitdrukking van denkbeelden, die aan dat zoo merkwaardige volk eigen waren, welks geheele in- en uitwendige geschiedenis, zeden, instellingen, ervaringen, beheerscht worden door een godsdienst, die weinig of geene overeenkomst heeft met de godsdiensten van de overige wereld en die zijnen oorsprong aan eene afzonderlijke en onmiddellijke openbaring te danken had.

Het is dus in de eerste plaats noodig om die uitdrukkingen in hare geschiedkundige beteekenis na te gaan, om daarna te onderzoeken of die geschiedkundige beteekenis ook eene zedelijke opvatting toelaat, of die joodsche denkbeelden ook algemeen menschelijke denkbeelden zijn.

Tn Israël heet een rechtvaardig mensch iemand die de wet betracht welke dat volk ontvangen had door den dienst van Mozes. De rechtvaardigheid is de toestand van hem die aan die wet gehoorzaamt. Gerechtvaardigd, dat is rechtvaardig verklaard te worden, beteekent dat er verklaard wordt dat men die wet betracht. En deze verklaring zelve is de rechtvaardigmaking. Zoo wordt er van Zacharias, den vader van Johannes den Dooper, en van Elisabeth, zijne huisvrouw, gezegd dat zij beiden rechtvaardig waren voor God, terwijl deze uitdrukking wordt toegelicht door hetgeen volgt: wandelende in al de (/(boden en rechten des Heeren onberispelijk. Evenwel is deze nadere bepaling nog slechts uitwendig. Om den aard van deze rechtvaardigheid te begrijpen, is het noodig om den aard van die wet te kennen. Wanneer men nu van de wet van Mozes spreekt, dan denkt gij dadelijk aan de twee tafelen, aan de wet der tien geboden, die in onze kerken (volgens een godvruchtig gebruik, waardig om in stand gehouden te worden en niet gelijk velen het zouden begeeren als een ouderwetsch joodsch gebruik te worden afgeschaft) nog wordt

Sluiten