Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de andere beweert: de kennis vloeit voort uit het geloof: eerst gelooven daarna kennen.

Misschien is dit verschil van gevoelen het gevolg van een misverstand, en worden de woorden kennis en geloof door beide meeningen gansch verschillend opgevat. Laat ons eerst recht doen wedervaren aan den grond van waarheid in de eerste meening vervat. Zij zegt: het geloof is gegrond op de kennis, eerst kennen daarna gelooven; en stelt zich hiermede tegenover een onbewust, overgeleverd geloof, waarmede ook wij ons niet kunnen vereenigen! Zonder twijfel: indien het waar is, wat de Apostel Paulus zegt, dat Jezus Christus het voorwerp des geloofs is, dan is het niet minder waar dat het onmogelijk is in hem te gelooven zonder hem te kennen. De Apostel drukt dezelfde overtuiging uit als hij zegt: het geloof is door het gehoor, en het gehoor is door het Woord Gods. Het woord richt zich allereerst tot het verstand en door middel daarvan dringt het door tot het geweten en het hart. Er is dus eenige kennis noodig, eenige kennis van dat raadselachtige leven, welks diepe mysteriën wij gepoogd hebben in enkele trekken te schetsen; maar de kennis, hoe uitgebreid zij ook zij. is toch het geloof niet en kan uit zich zelve niet tot het geloof brengen. De gemeente van Christus is nog zeer weinig gevorderd in de kennis van het leven des Heeren; voor de meesten harer leden is de evangelische geschiedenis nog slechts een reeks van bijzonderheden zonder innerlijk verband. De geschiedenis van het innerlijk leven des Heeren en van het grootsche plan, hetwelk zich in dat leven openbaart, is tot nog toe een uitgestrekt en weinig ontgonnen veld, van welks bestaan zelfs de meesten nog onkundig zijn, niettegenstaande alles wat er in de laatste jaren gedaan is om ons op den weg te helpen.

Veronderstelt echter voor een oogenblik dat deze arbeid voltooid ware, dat wij reeds eene volledige beschrijving hadden van het leven van Jezus, niet slechts van wat hij gezegd en gedaan heeft, die geven ons de Evangeliën zelve — maar eene beschrijving van het innerlijk geestelijk verband dat er bestaat tnsschen

n. 17

Sluiten