Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zedeleer is alleen uitspatting zonde. Vermijd de zonde: dat heet bij haar: geef geen schandaal. De wereld eerbiedigt de vormen \ an den godsdienst. Het Sadduceisme leeft, tegenover den Heer Jezus, in zeer goede verstandhouding met het Farizeïsme. Volgens de wereld had de eerste zoon van de gelijkenis in geen geval zoo naakt weg moeten zeggen: ik wil niet; maar, al kon hij dan ook niet van zich verkrijgen om te zeggen: ik ga; zoo had hij een middelweg moeten vinden. Ik zal onderzoeken, ik zal er over denken; ik zal het goede doen, ik zal doen wat mijne rede en mijn geweten mij voorschrijven; ik schort voor als nog mijn oordeel op en kan niet besluiten eer ik alles wel onderzocht heb, onderzocht of uw wijngaard goede vruchten belooft en de moeite van den arbeid waardig is en of het mijne zaak is daar heen te gaan. Zoo zijn er wel duizend redenen, die wij, met ons in dit geval bijzonder vindingrijk verstand, kunnen uitdenken om ons aan den eisch te onttrekken, zonder juist kort af te zeggen: ik wil niet. In naam van al ïvat schoon en goed is, van alles waarop wij met recht ons verheffen, in naam der rede, van het geweten, den godsdienst, om niet te spreken van zoo vele maatschappelijke en huiselijke redenen, kan men zich de beslissing voorbehouden op het stellige bevel des meesters, of wel liet ten eenemale afwijzen.

Welnu, de Heer stelt ons in de gelijkenis iemand voor die jegens zich zeiven, jegens God en menschen te oprecht, te waarheidlievend is om van een dezer uitvluchten gebruik te maken. Deze mensch weet het zeer goed en zeer juist, dat wat hem verhindert de roeping op te volgen in den grond niet is, dat de arbeid te zwaar is, ook niet, dat de roeping iets vernederends heeft, maar alleen, dat hij niet wil gaan, dat hij geen lust heeft in dien arbeid. Hij weet dat hij geene enkele geldige reden kan bijbrengen om er zich aan te onttrekken; hij veracht de fijn gesponnen redeneeringen aan wier waarachtigheid hij niet gelooft. Zonder omwegen spreekt hij uit wat in zijn hart is.

Waren wij er slechts allen toe gekomen om te erkennen en te belijden dat wij niet willen! Hadden wij allen in dat niet

Sluiten