Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kelijk, bereikbaar voor ons allen, voor ons die uit de aarde aardsch zijn, is de wijsheid die van boven is. Onder haren priesterlijken zegen worden wij geboren, haar lichtgestalte teekent zich af voor onze oogen te midden der nevelen. Onze hoogepriester heeft deze wereld gemaakt tot den voorhof des tempels, en de deuren die naar het heilige en naar het heilige der heiligen leiden zijn geopend. De liefelijke reuk der wierookoffers stijgt niet alleen op naar den troon, maar verbreidt zich heinde en ver door de wereld, verdrijvende den rook des bloeds die opstijgt uit de aarde. Wilt gij die wijsheid bezitten die van boven is, gij behoeft niet op te stijgen naar den hemel, en haar als het vuur des hemel te rooven, zij is daar voor uwe oogen verschenen in Jezus Christus, den gekruisigde, den eeuwig levende. Volgt hem! Bestaat het gewijd karakter der wijsheid daarin dat zij uit God is, dat zij God volgt,, is hij alleen de wijze die ootmoedig en aanbiddend den onfeilbaren gids volgt, welnu, niemand heeft ooit God gezien, maar de eengeboren Zoon, die in den schoot des Vaders is, heeft Hem ons verklaard. Hij is uw gids. Hij heeft u geheiligd als uw priester door het bloed des kruises, en nu verhindert niets u meer om hem te volgen. Ziet, ziet op hem, den gekruisigde en gij zeiven wordt heilig, zijne eeuwige wijding wordt uw deel. Gezalfd wordt gij met en door hem van den Heiligen Geest die van hem uitgaat; en priester wordt gij met en door hem in de wereld. De ware wijze, wiens beeld de Heidenen vruchteloos hebben gezocht, ziet, hij is het die Jezus Christus volgt, want met God verzoend is hij boven de wereld, verstaat haar en is haar ten zegen. Die wijze die priester is des levenden Gods, is een vrije, een heerscher, hij is een koning.

Een koning, die vrede geeft. Zalig zijn de vreedzamen, heeft de wijsheid die van boven is gesproken, want zij zullen Gods hinderen genaamd worden (Matth. V: 9). Ik zal niet herhalen, wat ik reeds gezegd heb over den vrede die Jezus Christus ons geeft; maar, hebt gij dien vrede, zoekt gij dien vrede? Dat moet blijken uit uw leven, blijken niet daaruit, dat gij over dien vrede

Sluiten