Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hooren wij hier niet den ernstigen, vredelievenden man, den ervaren grijsaard die met leede oogen een nieuwen twistappel te midden van het volk dat hij lief heeft geworpen ziet, en die zoo gaarne het even eerst ontbrandende twistvuur geblusclit zou zien, eer het in lichtelaaie vlam opschiet? De stemming in Israels raad jegens den Nazarener is eenigszins ongunstig: men voelt zich gekrenkt door zijn moed, zijne zelfstandigheid, zijne onafhankelijkheid. Maar ook, geeft hij niet wel aanleiding tot die min gunstige stemming? Waarom niet wat voorzichtiger gehandeld? Waarom zoo stout opgetreden? Waarom wellicht vijandschap verondersteld, en daardoor gewekt, waar zij niet aanwezig is? Xog kan alles worden voorkomen. Bal/Li, wij zijn niet tegen u; wij keuren goed wat gij doet, hoe zouden wij anders? Gij doet zulke teekenen, dat het blijkbaar is dat God met u is. Hoe zouden wij dan tegen u kunnen zijn? Wij weten dat gij zijt een leeraar van God gekomen; want niemand kan deze teekenen doen die gij doet, zoo God met hem niet is.

Wij weten dit! Toch bedroog hij zich in dit zijn weten. De wet toch had alzoo gesproken: Wanneer een profeet of droomdroomer in liet midden van u zal opstaan en u geven een teeken of wonder, en dat tcelcen of ivonder komt, dat hij tot u gesproken had, zeggende: laat ons andere goden, die gij niet gekend hebt, navolgen en hen dienen : — gij zult naar de woorden van dien profeet of dien droomdroomer niet hooren; want de Heer uw God verzoekt idieden, om te weten of' gij den Heer uwen God lief hebt met uw gansche hart en met uw gansche ziel, en diezelve profeet of droomdroomer zal gedood worden (Deut. XIII: 1—3, 5). Voorwaar, zij wisten niet veel, die leeraren in Israël, die zoo ijverig de wet uitlegden en onderzochten met al de hulpmiddelen hunner schriftgeleerdheid. Zij verstonden iets niet, en dat iets is alles. Dat iets spreekt Jezus uit in zijn antwoord.

Als een plechtig beroep op de eeuwige waarheid, en in het volkomen besef van die waarheid te bezitten, spreekt Jezus zijn dubbel voorwaar uit: Voorwaar, voorwaar zeg ik u, tenzij

Sluiten