Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Weet gij het ook? Ts u het woord sonde reeds geopenbaard in hetgeen het ontzettends en afschuwelijks heeft? Hebt gij iets leeren verstaan van die geschiedenis dat er één is zonder zonde? Hebt gij begrepen dat die zondeloosheid van den éénen, van den zoon des menschen, eene openbaring is van den eeuwigen, van den Zoon Gods aan en in de wereld? Wel u, uwe zonden worden weggenomen; voor uw gevoel is het dat zij van u worden afgenomen, maar in werkelijkheid is het dat gij van haar wordt weggenomen, wordt losgemaakt, dat gij overbracht zijt van de duisternis in zijn wonderbaar licht.

Weet gij het nog niet ? Houdt gij nog de duisternis waarin gij leeft voor licht? Ach, mogen u de oogen opengaan, opengegaan zijn ook in deze ure ! Mocht u de koude huivering der duisternis overvallen: het zou een teeken van leven zijn, een voorteeken van het ontwaken. En ach, is dit zoo moeielijk ? of liever : hebt gij ze niet reeds menigmalen gevoeld, die eerste trillingen des levens? Overvalt u niet menigmaal eene onbeschrijfelijke smart die gij niet weet te verklaren ? Hijgt niet menigmaal uw boezem van vurig verlangen gij weet niet waarnaar ? Is u de wereld niet menigmaal onbeschrijfelijk ledig en arm ? Denkt gij niet soms met schrik aan de toekomst aan gene zijde des grafs ? Hoort die stemmen. Het zijn de trekkingen des Vaders naar den Zoon. Hij wil u den Zoon openbaren. Hoort zijne stem! Amen.

Sluiten