Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ziet het aan Israël naar het vleesch. Nog was daar niet alles gestorven, 't is waar, evenmin als in de heidenwereld. Met weerzin wordt het juk van Cesar Augustus gedragen, met weerzin aan den Idumeër Davids koningstitel gegeven. Nog eenige druppelen van het bloed der Makkabeërs vloeien in de aderen. Nog kan de Sadduceër aan den Farizeër het woord der profetie niet doen vergeten, noch hem winnen voor zijne heidensche levensbeschouwing. Maar het zijn als stuiptrekkingen der stervende. Waar de Zoon des menschen komt en het woord Gods spreekt en als de ware Davidszoon den ellendige verlost en den arme verheft, daar voelen de onreine geesten in Israël zich als uit hunne rust plotseling opgeschrikt, onderlinge twist en wrok verdwijnt ; groot is de eendracht, ééne leuze vereenigt allen, Farizeër en Sadduceër, Ilerodiaan en Hellenist, Galilea en Jeruzalem: Het is goed dat hij sterve.

Groot was de rust in de heidenwereld. Het wereldrijk was gevestigd, het laatste, het rijk des vredes. Vredezangen werden aangeheven en profetiën van een paradijstoestand vernomen. Het was als in de tijden van Zacharia, den profeet: de engel des Heeren ging uit onder de volkeren, en brengt het antwoord: Het gansche land zit en het is stil. Zij legerden zich zacht en gemakkelijk in de paleizen der Cesaren, in de scholen der wijzen; zij gingen vrijelijk rond in de straten en op de wegen, van Europa's zuidwestkust tot de eeuwige bergen van Indië, van Africa s zandwoestijn tot de onbekende rivieren van het noorden, de onreine geesten van zinnelijkheid en werelddienst, des bijgeloofs en des ongeloofs, der tyrannie en der kruiperij ; en waar zijn gebleven Rome's fierheid en Athene's wijsheid, waar de godsdiensten van het Oosten en de vrijheidszin van het Westen? Doch ziet, daar komt de man van Tarsen; neen niet de man van Tarsen maar deman van Nazareth, de man der smarten, de Zoon des menschen. Ja, hij komt, hij mede daalt af in eenige harten en vestigt er zijnen troon, en ziet, als één kreet van verbaasdheid, weldra van ziedenden toorn, eindelijk eene krijgsleuze op leven en dood, wordt gehoord van het Oosten

Sluiten