Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bevestigen, dan den geest onder dat gezag te plaatsen, dat is onder den invloed en de aantrekking en de tucht van het woord. Als God spreekt, dat de mensch dan zwijge, luistere en gehoorzame! Voorzeker, met dezen eisch stemt iedere menschelijke consciëntie samen; gewetenloos is hij die dien zou afwijzen. Alleenlijk, hoe te erkennen dat God spreekt? Dat kunt gij niet zeggen, niet opleggen, niet gebieden. Die stemme Gods moet met onwederstaanbare kracht in de consciëntie dringen. Welnu, brengt dan het woord Gods tot de consciëntiën, maar eischt geen blind geloof, geen onzedelijk naspreken van eens anders belijdenis.

Helaas, hier gaapt eene wijde wonde. Hier mogen wij ons vragen: geldt ons niet het woord: de afgekeerde Israël heeft hare ziel gerechtvaardigd, meer dan de trouweloozc Juda. De roomsche kerk vreest het vrij gebruik der Schrift. De majesteit van Gods woord, zegt zij, verbiedt om het prijs te geven aan de bijzondere uitleggingen van een ieder, van wege liet misbruik dat er van kan gemaakt worden. Daarom reikt zij slechts zooveel van deze spijze aan hare kinderen als zij in hare moederlijke wijsheid meent dat zij zullen kunnen dragen, en dikwerf is dit meer dan wat de tegenwoordige protestantsehe opvoeding voor toereikend acht. Is dit niet beschamend ? Wij leeren de genoegzaamheid, de klaarheid der heilige Schrift, wij beschouwen haar als de eenig zekere en onfeilbare oorkonde der openbaring, de van God ingegeven Schrift, en wat doen wij met haar? hoe gebruiken wij haar? Delven wij in hare schatten? Is het ons te doen den rijkdom der woorden Gods die zij bevat ons toe te eigenen? Worden wij door de Schrift wijzer, verstandiger, verlichter, zoodat wij, schriftgeloovigen, de aanvallen der schriftbestrijders öf kunnen afweren öf althans gelaten aanzien, niet omdat wij eene plotselinge inwerking Gods verwachten om zijne vijanden te verslaan, maar omdat wij, de ledigheid en de nietigheid hunner tegenwerpingen inziende, begrijpen dat die niet kunnen bestaan? Of is ons bijbelgeloof bijgeloof, een kind der vreeze en eene moeder van onheiligen ijver? Welnu, dan zullen wij verslagen worden. Wat gij hebt kan niemand u ontnemen,

Sluiten