Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ken in den poel der zinnelijkheid en der vertwijfeling. Eerbiedwaardig is de dwaling, die u doet afzien van u zeiven om voor de maatschappij te leven. Maar toch, het is een droom, en daar zijn oogenblikken waarop gij uit den sluimer ontwaakt en het gewaar wordt dat gij boven een afgrond zweeft en uw zaad daarin zaait. Eene dwaling is het, voor de maatschappij eene toekomst te verwachten, die gij u zeiven ontzegt. Uwe geestdrift voor het doel dat gij u voorstelt, is het niet zoo? uwe eigene levenservaring doet haar vervliegen als kaf voor den wind. Ja, soms barst door eene of andere geweldige daad de vertwijfeling los als een verborgen vuur. Of zijt gij er getuigen van hoe de maatschappij vooruitgaat, hoe zij ook door uwe werkzaamheid zich ontwikkelt en verbetert, hoe er nu in uwen werkkring in uwe omgeving minder kwaad is en minder lijden dan toen gij optraadt? Ziet, daar zijn mannen van ervaring en talent, vertegenwoordigers van den kritischen geest dezer eeuw, die, na jaren lang de geschiedenis van onzen tijd te hebben waargenomen en de menschen te hebben bestudeerd, het niet zonder diep gevoelden weemoed uitroepen, dat, zoodra men de oorzaken der meest belangrijke verschijnselen op kerkelijk en maatschappelijk gebied nagaat, de drijfveeren der menschen, de toevalligheid, dat is de onredelijkheid der omstandigheden, men het geloof aan eene hoogere wereldorde, het geloof aan het goddelijke in den mensch en in de maatschappij zou moeten opgeven en de idealen zijns harten begraven.

En deze sombere weemoed is niet alleen eigen aan deze eeuw, die op haren kritischen geest roem draagt, die — twijfelachtige lof — niets wil gelooven dan wat zij aanschouwt of althans begrijpt. Neen, die weemoed is aan vele eeuwen gemeen, hij is de ervaring geweest van alle diepdenkende en diepvoelende geesten van alle tijden. Hij heeft niet ontbroken in de zoo korte tijdperken van maatschappelijke en kerkelijke rust, die de geschiedenis weet aan te wijzen. In tijden van sluimerziek geloof werden zij, die eenigszins door den schijn heen het wezen erkenden en in

Sluiten