Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gods zijn, bedoelingen die eeuwen omvatten, om de wereld te behouden door den afval Israëls, en Israël door liet behoud der wereld, zoodat en de wereld naar Gods raadsbesluit verlost wordt, en evenwel de uitverkiezinge Israëls in stand blijft; en als wij dan zien hoe de verharding van Israël liet middel is geweest, en nog is, waardoor de zaligheid der wereld gewrocht wordt, en letten op de wonderlijke bewaring van dit volk, die ons ten duidelijkste aantoont, dat het tot eene hooge lotsbedeeling bestemd is, en dat de voornemens van God met hetzelve nog niet verwezenlijkt zijn: dan is er reden om met den Apostel uit te roepen: ,0, diepte des rijkdoms, beide der wijsheid en der kennis Gods! hoe ondoorzoekelijk zijn Zijne oordeelen, en onnaspeurlijk Zijne wegen! want wie heeft den zin des Heeren gekend ? of, wie is zijn raadsman geweest?"

Doch, hoe weet nu de Apostel, dat deze de bedoelingen Gods zijn ? Hij verklaart het in de woorden van onzen tekst, die als de sleutel zijn aan te merken van dit geheele betoog. Hij weet het door openbaring. De zin van deze woorden is eenvoudig en klaar. Al hetgeen in de vorige hoofdstukken is gezegd, komt neder op deze ééne verborgenheid — en gij weet, dat in de Schrift het woord verborgenheid niet beteekent eene leer die de rede te boven gaat, maar een raadsbesluit van God 't welk weleer verborgen was maar nu geopenbaard is, — op deze verborgenheid, welke hij aan de Komeinen mededeelt, opdat zij niet wijs zouden zijn bij zichzelven, d. i. opdat zij zich niet op hunne aanneming zouden beroemen: dat de verharding voor een gedeelte over Israël gekomen is totdat de volheid der Heidenen zal zijn ingegaan, en dat alzoo langs dezen weg geheel Israël zal zalig worden.

Als de Apostel zegt dat de verharding voor een gedeelte over Israël gekomen is, wijst hij hiermede duidelijk aan, dat het niet een zeker noodlot is 't welk op dit volk drukt en hen belet zich tot liet Evangelie te bekeeren; maar hij verklaart alleen dat, zoolang het Evangelie zijnen loop te midden der volken van de aarde nog vervolgt, zoolang er op den aardbol nog gedeelten

Sluiten