Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geloof kern en wezen is, maar ook van mijne ervaring in den evangeliedienst, van eene ervaring van toen reeds bijna twintig jaren. Ik had liet zoo duidelijk gezien, dat alle pogingen der menschen om dat fondament te verleggen of een ander in de plaats te stellen, nietig zijn en afstuiten op de onwrikbare vastheid van dat fondament. Daarom vreesde ik niet de afdwalingen in de leer, hoe belangrijk zij ook wezen mogen; omdat de leer, waar zij het wezen der dingen, de eeuwige waarheid Gods niet uitdrukt, tegen dat wezen en die waarheid niets vermag. „Wij vermogen niets tegen de waarheid maar voor de waarheid" (2 Cor. XIII: 8). Wat ik daarna gezien en beleefd heb, ook in deze gemeente, heeft dat geloof niet verzwakt maar versterkt. Ik geloof aan de persoonlijke regeering' van Christus over zijne gemeente, en in en door haar over de wereld; ik geloof dat de Heilige Geest is in de gemeente, en, eenmaal uitgestort, niet is weggenomen. De gemeente van Jezus Christus is krachtig, onoverwinnelijk, niet door wet of instelling, ook niet door hare eigene belijdenis, hoe noodzakelijk deze ook zij tot uitdrukking van haar geloof, maar alleen dooiden Heiligen Geest die dat geloof in haar werkt en, evenals Hij uit Christus neemt en het haar mededeelt, evenzoo ook haar in Hem opbouwt en bevestigt. Te vreezen dat de waarheid zal bezwijken, te meenen dat wij haar moeten handhaven, anders dan door persoonlijke belijdenis; te wanen dat de troon der heerlijkheid waarop Christus verheven is, zal instorten, zoo wij hem niet steunen: is mij immer geweest en is mij bij toeneming een teeken meer van ongeloof dan van geloof, meer van den hoogmoed van den natuurlijken dan van den ootmoed van den geestelijken mensch. Het fondament blijft; de steen in Sion gelegd. „ Wie op dezen steen valt, die zal verpletterd worden: en op tvien hij valt, dien zal hij vermorzelen" (Matth. XXI: 44). In dat geloof sta ik in uw midden, geliefde Gemeente, niet om de waarheid vast te houden: zij houdt mij vast; maar om van haar te getuigen en u in haar op te bouwen. Daarom kan ik de eenheid der gemeente, al is zij ook nog zoo bewogen en omgevoerd met allen wind der

Sluiten