Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

,INNERLIJK MET ONTFERMING BEWOGEN."

Eq Jezusom ging al de sleden en vlekken, leerendein hunno synagogen, en predikende het evangelie des koninkrijk^, en genezende alle ziekte en alle kwale onder het volk.

En hij de scharen ziende, werd innerlyk met ontferming bewogen over hen, omdat zy vermoeid en verstrooid waren, gelijk schapen die geenen herder hebben.

Toen zeide hy tot zijne discipelen: De oogst is wel groot, maar de arbeiders zijn weinige:

bidt dan den Heer des oogstes, dat Hjj arbeiders in z\jnen oogst uitstoote.

Mattheus IX : 35 — 38.

„Alzoo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijnen eeniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk die in hem gelooft niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe." „Welbehagen in menschen." Dit was onze kerstverkondiging.

Het „welbehagen in menschen", deze boodschap des hemels op aarde gebracht, dit loflied der engelen, is een loflied der menschen geworden. Het geloof herhaalt dien zang van geslachte

tot geslachte, van volk tot volk.

Het geloof. Maar het geloof moet altijd weder op nieuw ontstaan. Het verbreidt zich niet op den weg der natuur, door geboorte en overlevering. Wantrouwend is ons hart en bezwaard onder al zijn leed. Het moet tot het geloof worden geboren. De mensch moet worden wedergeboren om te gelooven aan Gods liefde, om het zeker te weten — want het geloof is een

Sluiten