Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schoonen, fijn georganiseerden woestijnzoon, den gastvrijen roover, den deftig ernstigen en toch fantastischen dichter, die in den godsdienst van fabelen leeft, die geestdrift najaagt en den arbeid haat, de wilde genialiteit af, die vooral in sommige menschen als uit het gewone leven uitspruit, die in den enkelen mensch veel schoons, veel bevalligs, veel wegslepends in zijn optreden vertoont, in zijn werken tot stand brengt, zonder evenwel ergens tot tucht en orde, tot hooger streven en tot zelfbeheersching te komen; eene genialiteit, die, meer uit het fijne bloed dan uit de trouw des geestes geboren, nimmer tot de reine idealiteit van het leven doordringt." Welnu, zullen die zonen Tsmaëls die ware idealiteit leeren verstaan uit de twisten, uit den bloedigen strijd van monniken en priesters op het heilige graf? Zullen zij den zegen der opstanding ontvangen uit het christen-paaschfeest te Jerusalem? Zijn daar niet streken op den aardbodem, ook op nederlandsch grondgebied, waar de Christen van den Mahomedaan trouw en eerlijkheid, reinheid van zeden en vreeze Gods te leeren heeft, en niet de Mahoinedaan van den Christen?

En de Joden, de afstammelingen van Abraham uit den zoon der belofte, zij die als gasten en vreemdelingen verkeeren te midden der gedoopte volkeren, hebben zij geen recht te beweren, althans wanneer hun oog niet geopend is voor den dieper liggenden zegen in hen die door het geloof Abrahams kinderen geworden zijn, dat zij van de Christenen niets kunnen ontvangen wat zij niet reeds hebben? Is onze belijdenis voor hen aantrekkelijk en begeerlijk en is niet daarom de evangelisatie onder hen meestal zoo onvruchtbaar, omdat zij de gemeente des Heeren te midden der verdeelde kerken en der twistende partijen niet kunnen onderkennen?

En wat zullen wij zeggen van de Heidenen, die evenzeer van den natuurlijken zegen van Abrahams huis als van den geestelijken zegen der gemeente van den zoon in dat huis geboren verstoken zijn? Verre van mij den zegen der christelijke zending te miskennen! Toch, leert de ondervinding niet, dat daar waar

Sluiten