Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dezen nacht kan zeggen: „Ik zal den Vader bidden en hij zal u eenen anderen Trooster zenden": ziet dat is geloof, geloof zonder wederga, geloof, waardoor ons het geloof mogelijk wordt, wat ons wedervare, en hij ons de Voleinder en overste leidsman des geloofs geworden is. Over dood en graf ziet hij heen. Dood en graf kunnen hem niet scheiden van zijne discipelen : hun voorbidder was hij bij zijn leven, hun voorbidder blijft hij na zijn sterven. Maar ook dood en graf, hoewel in zijn leven liet ondoorgrondelijk raadsel van het Godsbestuur, de schijnbare beschimping van al wat rechtvaardigheid en zedelijke wereldorde heet, dood en graf kunnen liem niet scheiden van zijnen Vader, die in de hemelen is. „Ik wist dat Gij mij altijd hoort", zoo had hij gesproken vóór het geopende graf des vriends. Ik weet dat Gij mij altijd zult hooren, zoo spreekt de ten doode gewijde als hij in de ure, die hij zelf de ure en de macht der duisternis heeft genoemd, zijne discipelen troost met deze belofte: „Ik zal den Vader bidden, en Hij zal u een anderen Trooster geven, opdat Hij bij u blijve in der eeuwigheid, namelijk den Geest der waarheid, welken de wereld niet kan ontvangen, want zij ziet hem niet en kent hem niet, maar gij kent hem, want Hij blijft bij ulieden, en zal in u zijn."

Wat zullen wij nog meer zeggen van het heilige, hoogheerlijke gemoedsleven van den Zoon des menschen, van zijn koninklijk zelfbewustzijn in den nacht, waarin hij gebonden werd? Onuitputtelijk is de schat van waarheid en leven die zich aan ons oog vertoont, als wij in de diepten van dat hart wagen in te zien, en onverzadelijk de blik naar dat paradijs, dat zich ons hier opent. Ook dit immers nog leert ons zijn woord: dat volgens hem de hoogste schat, de gave Gods bij uitnemendheid, is die Geest der waarheid, dien hij belooft? En ook dit is een woord zijner ervaring. Ja het ontdekt ons het geheim van zijn geloof en van zijne liefde. Die Geest der waarheid, die bij hen is, omdat hij in hem is, en die het geheim is zijner macht over hen, der aantrekkingskracht die van hem uitgaat, waarom hij kan zeggen:

Sluiten