Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

LOON NAAK WERK.

Afscheidsrede te Rotterdam, 27 October 1872.

Zoo iemands werk blijft, dat hg daarop gebouwd heeft, die zal loon ontvangen. 1 Cor. iii : 4.

Levendig staat mij voor den geest de avond van den llden Mei 1802, toen ik, naar het lichaam krank, naar den geest gedrukt, voor het eerst in uw midden optrad als uw leeraar en eene schare voor mij zag van meer duizenden dan ik tot hiertoe voor honderden het woord mijns Gods verkondigd had. Zwaar was mij de strijd geweest eer ik had kunnen besluiten de roeping van uwen kerkeraad op te volgen; niet minder zwaar dan de strijd, die het mij gekost heeft om thans tot het besluit te komen u te verlaten en in het ambt, dat mij is aangeboden, eene hoogere roeping te erkennen.

Eene onbekende toekomst ging ik te gemoet. Onbekend was mij de werkkring in eene groote volksgemeente; alleen gevoelde ik levendig het contrast tusschen den beperkten, rustigen werkkring dien ik verliet, waarin ik allen die mijne prediking volgden persoonlijk kende en tot de meesten persoonlijke betrekking had, die het mij zoo hard viel te verbreken, en het werk dat mij hier wachtte in zoo uitgebreiden kring; en voorzeker ware mij de moed ontzonken om die roeping te volgen, zoo ik niet levendig in mijn hart gehoord had de stem, die daar zeide: „Ga, ik zal u helpen."

Tk kwam tot u, zooals ik toen zeide, „niet met een gedeeld

Sluiten