Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE ÜOÜP.

En het geschiedde in die dagen dat Jezus kwam van Nazareth, gelegen in üalile'a, en weid van Johannes gedoopt in de Jordaan. En terstond als hij uit, het water opklom, zag hij de hemelen opengaan, en den Geest, gelijk eeue duif op lieui nederdalen. En daar geschiedde eene st.f m uit de hemelen : Ui) ziit mijn geliefde Zoon, in denwelken Ik mijn welbehagen heb!

Markus I 9—11.

De vier evangelisten verhalen dat Jezus door Johannes gedoopt is; allen stellen hetgeen daarbij geschied is als een wonder voor; of liever, gelijk de schriftuurlijke uitdrukking voor wonder luidt, als een teeken; een teeken, iets namelijk waarin de grenzen die de onzichtbare wereld van de zichtbare scheiden, voor eene wijle worden opgeheven en een blik in de eerste gegund wordt. Den samenhang tusschen beide te zoeken, onderzoek te doen naar de wijze hoe die grenzen worden opgeheven, ligt buiten hun bestek.

Verschillend is evenwel de wijze waarop zij dit wonder voorstellen. Bij Mattheus is het verhaal het uitvoerigst. Hij vermeldt dat Jezus tot Johannes kwam in de woestijn, met het doel om door hem gedoopt te worden; het weigerend woord van dezen: „mij is noodig om van u gedoopt te worden en komt gij tot mij?" en het antwoord: „laat nu af; want aldus betaamt het ons alle gerechtigheid te vervullen." Ook het terstond opklimmen van Jezus uit het water wordt door hem evenals door Markus vermeld. De stem uit den hemel wordt voorgesteld als eene

Sluiten