Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Matth. 19 : 2 en Mark. 10 : l: „Talrijke scharen vergezelden Hem" en bij Lukas de uitzending der 70 discipelen (Hoofdst. 10)! — terwijl het vertrek tot viering van het Loofhuttenfeest als in het verborgene («-: b kpjttq) geschiedde, zoodat Jezus om zoo te zeggen incognito op reis ging. Dit is een volkomen tegenstelling. Het is nu de vraag, wat Jezus volgens Johannes in den tijd na het Loofhuttenfeest heeft gedaan. Bleef Hij in Jeruzalem of Judea, of keerde Hij naar Galilea terug? Johannes zegt het niet. Meestal neemt men het eerste geval aan; naar ik meen, maken alleen Luthardt en Keil hierop een uitzondering. Maar dit gevoelen is geheel in strijd met het voorafgaande bericht van Johannes. Jezus heeft heimelijk naar Jeruzalem moeten gaan, omdat men Hem daar zocht te dooden (7:1); hoe had Hij dan, na de heftige tooneelen van Hoofdst. 8—11, maanden lang rustig in deze hoofdstad of in haar aan de macht van het Sanhedrin onderworpene omgeving kunnen vertoeven.-' Dit is een vermoeden, dat werkelijk onaannemelijk is. Na deze korte verschijning moet Hij zich dus spoedig weêi verwijder hebben en naar Galilea teruggekeerd zijn. Johannes maakt van dezen terugkeer geen melding, omdat hij vanzelf spreekt, daar Galilea het gewone verblijf van Jezus was. De toestand is dezelfde als na de reis naar Jeruzalem, waarover gesproken wordt in Hoofdst. 5, waar de daarop gevolgde terugkeer naar Galilea ook niet vermeld wordt, hoewel hij door het geheele bericht van Hoofdst. 6 wordt ondersteld. Daar Jezus nog geen afscheid had genomen van de Galileesche bevolking, in wier midden Hij gearbeid had, moest Hij natuurlijk nog eenmaal voor eenigen tijd naar dit tooneel zijner werkzaamheid terugkeeren, voordat Hij het voor altijd verliet. Hij keerde dus naar Galilea terug, na op het Loofhuttenfeest in Jeruzalem te hebben vertoefd, en in dien tijd moeten wij het vertrek en de reis plaatsen, die door de drie synoptici verhaald worden. De reis naar Terea, die bij deze volgt, valt dan nauwkeurig samen met het door Johannes (10: 40—42) vermelde verblijf in deze streek, kort vóór de laatste reis naar Jeruzalem.

Sluiten