Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn geest en den Geest van God is zonder twijfel van dat oogenblik af zoo volkomen en zoo bestendig geweest, dat er geen plaats overbleef voor zulk een plotselinge en kortstondige werking. De woorden h en r5 uyiy waren dus oorspronkelijk randglossen, die langzamerhand in den te s gekomen zijn. Wij moeten er echter bijvoegen, dat Lukas, over den geest van Jezus sprekende, hem niet heeft willen afscheiden van den goddelijken Geest, die Hem vervulde. De machtige werking der uitwendige gebeurtenissen op het hart van Jezus, die wij hier aanschouwen, doet duidelijk zien, dat zijn menschheid ernstig gemeend is in onze Evangelische verhalen.

Het werkw. i^o/ioXoyet<rd«i, dat eigenlijk verklaren, belijden ,

beteekent, staat in de LXX voor mn, loven (Gen. 29:35). Het drukt uit, dat Jezus met vreugdevol vertrouwen des harten in de goddelijke beschikking berust. — Het woord Vader heeft betrekking op de bijzondere liefde van God, waarvan Jezus zich het voorwerp gevoelt in den loop van zijn werk, en het woord Heer, op de verheven souvereiniteit, waarmede God, die Heer is van het heelal, wanneer het Hem behaagt, van alle menschelijke voorwaarden tot welslagen afziet, en het gelukken zijner plannen alleen aan zich zeiven te danken heeft. — Dikwijls meent men, dat de dankzegging van Jezus enkel betrekking heeft op het twee e van de twee feiten, die vermeld worden in hetgeen volgt. De zin zou dan zijn: „dat Gij, terwijl Gij verborgen hebt..., geopenbaard hebt..." De daad der openbaring zou het eenige voorwerp dezer lofprijzing zijn. Een dergelijke vorm is wel is waar in Jes. 50 : 2 en Eom. 6 : 17 te vinden. Maar met Weiss ben ik van gevoelen, dat men op deze wijze niet de geheele diepte der gedachte van Jezus bereikt. God heeft door de wijze, waarop Hij het werk van Jezus m Israël bestuurde, getoond, dat Hij de medewerking der bekwame staatkundigen en wijze wetgeleerden in Jeruzalem beslist niet wilde. Men herinnere zich het woord over de oude en de nieuwe lederen zakken (5: 36—38) , indien wij het ten minste goed begrepen hebben. De Heer moes

Sluiten