Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

duisteriug vau de sterren); Jes. 34: 11 (de hemelen als een hoek opgerold; sterren als bladeren afvallend); Zef. 1:15 (dag des Heeren; een dag van duisternis, van angst); Hagg. 2 : 6) (hemel, zee en aarde worden bewogen); Jer. 4 : 23 (de aarde wordt weêr een chaos). Deze profetieën zijn eveneens de bron, waaruit de Joodsche Apocalypsen hebben geput.

Vs. 27. De Parousie: „En alsdan zullen zij den Zoon des menschen zien komen in eene wolk, met macht en met groote heerlijkheid."

Aan een lichtglans, die zich van het eene uiteinde des hemels tot het andere uitbreidt (17 : 24) zal men het komen des Heeren kennen; vgl. 1 Thess. 4 : 16, 2 Thess. 1:7; 2:8, Openb. 1:7 en 19 : 11 en verv. De wolk is in de H. Schrift gewoonlijk het symbool des oordeels. Lukas spreekt niet over de verzameling van de onder de menschheid verstrooide uitverkorenen, die door Markus en Mattheus met de uitdrukking èTritruvxyeiv wordt aangeduid, waarvan Paulus zeker het woord iiriruvxruy , dat bij hem op hetzelfde feit betrekking heeft (vgl. 2 Thess. 2:1; 1 Thess. 4: 16), heeft afgeleid. •— Deze plaats bevat geen enkel woord, waardoor te kennen wordt gegeven, dat Jezus op aarde terugkomt, om er te blijven, zooals het chiliasme meent. Het schijnt mij veeleer toe, dat deze komst moet worden opgevat als een vluchtige verschijning, waaraan zich de opwekking van de geloovigen (1 Cor. 15 : 23; Philipp. 3 : 20, 21), de wegvoering van de gemeente (Luk. 17 : 31, 35), en de volkomene zedelijke verandering van het op aarde achterblijvende gedeelte der menschheid (Openb. 20: 1—6) zullen vastknoopen.

C. Ys. 28—36. Het slot.

Vs. 28—33. Uit het oogpunt van de christelijke hoop: „Wanneer deze dingen beginnen te geschieden , richt u dan weder op, en beft uwe

Sluiten