Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het heilige Avondmaal; zij vormt in al de drie berichten het middenpunt van het verhaal: en ten derde, de openbaring van het verraad en van den verrader; daarmede eindigt Lukas, en beginnen Mattheus en Markus. Men ziet, hoe de feiten-zelf zich diep in het geheugen der ooggetuigen hadden gegrift, maar hoe de overlevering slechts een ondergeschikte waarde aan de chronologische orde hechtte. De mythe daarentegen zou alles uit één stuk hebben geschapen, en de orde der feiten zou in alle drie dezelfde zijn geweest. Hetzelfde zou het geval zijn, als de drie berichten rechtstreeks of middellijk van elkander afhankelijk waren. — De orde van Lukas verdient de voorkeur; het is natuurlijk, dat Jezus begint met uiting te geven aan zijn persoonlijke indrukken. Aan het smartelijk gevoel, dat de nabijzijnde scheiding teweegbrengt, knoopt zich, door een verband, dat gemakkelijk te begrijpen is, de instelling van het heilige Avondmaal vast, dien maaltijd, die, om zoo te zeggen, de zichtbare tegenwoordigheid van Christus te midden van de zijnen na zijn heengann vereeuwigen moet. Eindelijk openbaart zich, bij het zien van de door deze plechtige handeling tot stand gebrachte innige gemeenschap tusschen Hem en zijn getrouwe discipelen, het voor Hem zoo hartverscheurend gevoel van het contrast tusschen hen en Judas. Zoo sluit zich het derde gedeelte aan. Het komt ons zeer weinig waarschijnlijk voor, dat Jezus het allereerst over dit laatste onderwerp zou gesproken hebben (Matth. en Mark.). Johannes laat de twee eerste elementen weg; het eerste was voor zijn verhaal niet van gewicht, het tweede, de instelling van het heilige Avondmaal, was door de overlevering voldoende bekend.

Daar in hetgeen nu volgt alles vol is van toespelingen op de gebruiken van het Paaschmaal, moeten wij een korte beschrijving geven van dezen maaltijd, zooals hij in den tijd des Heilands gehouden werd. Eerste phase: Na het gebed deed de huisvader een beker vol wijn rondgaan, den aanvangsbeker om zoo te zeggen (volgens anderen had ieder zijn eigen beker), onder het uitspreken van de woorden: „Wees gezegend, gij, Heer onze God, Koning der wereld, die de

Sluiten