Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit den hemel en van de boodschap, die zij brengen. De eerste trek laat zich gemakkelijk met de uitdrukking S/ïVnj, Hij scheidde, van het Evangelie.in overeenstemming brengen; want het is moeilijk te gelooven, dat Jezus alleen door den steeds grooter wordenden afstand tusschen Hem en zijn discipelen uit hunne oogen verdween. Het is veel gemakkelijker aan te nemen, dat er een wolkensluier scheiding maakte tusschen Hem en hen, en Hem aan hunne oogen onttrok. Wat de twee hemelsche gezanten betreft, deze trek herinnert aan het daarmede overeenkomend verschijnsel bij de verheerlijking op den berg, en wel zooveel te meer, omdat deze twee personen, zoowel hier als daar, twee mannen (9 : 30), en niet twee engelen worden genoemd. Dienovereenkomstig moet deze trek, evenals die van de verheerlijking op den berg, tot die klasse van verschijnselen behooren, welke, zooals de verschijning van den engel Gabriël aan Zacharias (H. 1), objectief en subjectief te gelijk zijn, en alleen door middel van het innerlijk zintuig waargenomen kunnen worden. Ik denk dat dit visioen slechts aan een of twee discipelen te beurt is gevallen, en dat het daarom niet in de algemeene overlevering is overgegaan en Lukas enkel door persoonlijke mededeeling bekend is geworden. Daar het niet meer tot de geschiedenis van Jezus, maar alleen tot het innerlijk leven der apostelen behoorde, bewaarde hij het, om het op te nemen in het tafereel, dat het verhaal van het werk der apostelen zou openen.

Er is dus in de betrekking tusschen de twee berichten hoegenaamd niets, dat de werkelijkheid van het feit der hemelvaart verdacht zou kunnen maken. En als men dat der opstanding in den schriftuurlijken zin en zooals wij het verklaard hebben aanneemt, dan moet men zelfs erkennen, dat de hemelvaart daarvan de noodzakelijke aanvulling is. Indien Jezus niet opgestaan, maar alleen van een flauwte weêr bijgekomen was, of indien zijn opstanding slechts de terugkeer der levenskracht in zijn ontzield lichaam was geweest, dan zou ons niets noodzaken, een einde als de hemelvaart te onderstellen. Men zou dan moeten aannemen

Sluiten