Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoofd af, die het gewaagd had, met haar vader te spreken.

De mannen verdubbelden hun pogingen om hun vrouwen te bewegen, weder naar het dorp te komen. Zij kampeerden aan den ingang van het dal en riepen de vrouwen toe, dat zij toch onbekommerd tot hen zouden komen. Zij zouden haar verdedigen tegen Himilrat en zij konden er verzekerd van zijn, dat zij ook onder Solbert vrijheid zouden genieten en dingrecht.

Er waren in het kamp der vrouwen reeds vele maagden, die spijt hadden, medegetrokken te zijn. Zij keken met verlangenden blik naar de jongelieden, die zij van de heuvels konden zien rijden en loopen. Eindelijk vatte een der krijgsvrouwen, Blicdrüt genaamd, moed en zeide tot Himilrat dat zij niet langer zonder man wilde blijven. Toen Himilrat haar bestrafte, trok zij haar zwaard en verzette zich. Himilrat riep de krijgsvrouwen te hulp, maar deze waren van meening verdeeld en spoedig waren er in het vrouwenkamp twee partijen, die onder leiding van Blicdrüt, welke eischte, dat men tot de mannen weer zou keeren en die van Himilrat, die aan geen terugkeer wilden denken, voor Solbert was afgezet en aan Himilrat de koningsmacht was verleend.

De leeftocht begon te verminderen en daar Himilrat weigerde aan de partij van Blicdrüt levensmiddelen af te staan, besloot Blicdrüt met haar partij het dal te verlaten en naar de mannen te trekken. Ook dit trachtte Himilrat te vei hinderen en nu stelden de vrouwen zich in slagorde en de beide partijen, aangevoerd door de krijgsmaagden, vielen op elkaar aan. De krijgsmaagden streden naar de regels der vechtkunst te paard, met kortzwaard en schild, doch de andere vrouwen vochten naar vrouwenaard. Zij krabden elkaar in 't gelaat, trokken elkaar aan de haren en velen ook, zonder tot handtastelijkheden over te gaan, scholden elkaar uit, keven, spuwden naar elkaar en begonnen op haar vaders en broers en verdere sipschaft te schelden,

Sluiten