Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I™ Kn ri6m 8af krakend iets mee- Sogol wachtte een

genbhk en opnieuw zijn armspier doende zwellen, gaf het murw gebeten leer mede.

Dat was de bovenarm. Hij kon nu den linker elleboog

n den linker schouder vrij bewegen en slecht het linker

polsgewricht was nog aan een bronzen ring in den rotsigen

bodem vastgebonden. Gelukte het hem den pols los te

wnngen dan was hij op ééne zijde vrij en de andere zijde zou weldra volgen.

Doch hij kon den mond niet tot aan het polsgewricht biengen, daar zijn rechterschouder, bij den bovenarm vastgebonden, hem aan den grond ketende. Daarom moest nj eerst den bovenarm van den rechterarm losknagen, zooals dat bij den linkerarm gedaan had. Gelukkig dat hij nu niet meer gestadig denzelfden kant van den mond behoefde te gebruiken, maar afwisselend met de linker- en met de rechterhelft kon knagen.

Als een dier, geduldig en onverzettelijk, beet en kauwde hij op het leer tot hij ook den rechter bovenarm ontboeid had. Zijn hart klopte heftiger van vreugde nu hij bemerkte dat hij zich halverwege kon oprichten. Het bovenlichaam was dus bevrijd, nu de polsen en enkels... Maar hij behoefde niet meer te kauwen. Thans, nu hij over zijn geheele lichaamskracht beschikte, begon hij aan de polsnemen te wrikken. Het leer gaf iets mede, maar de polsen zwollen door de krachtsinspanning en daardoor verloor hij e gewonnen verwijding. De polsen moesten glad gemaakt worden, opdat ze door de riemen heen konden glijden. Hii peinsde even. Indien hij maar een paar druppels olie gehad had... Doch een denkbeeld kwam in hem op en een poosje later zich met geweld overwinnend, nam hij de eigen rek in den mond en spuwde ze op zijn rechterpols uit. En nu weer begon hij te trekken en te wringen. de nemen gaven mee, de nu gladde polsen gleden onder de nemen weg en zijn rechterarm was geheel bevrijd.

GEHMANIA II.

13

Sluiten