Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De edelen huisden in hun groote hutten, waarvan er sommigen zelfs geheel van steen waren gebouwd.

Daar, in de groote hallen, brandden den heelen dag knapperende houtvuren. De mannen zaten voor 't vuur, sprekend over de kansen van den slag, of oefenden zich in het trekken op 't kortzwaard om lenig en behendig te blijven. De vrouwen bakten brood, melkten de koeien, sleepten het hout aan voor de haardvuren en ook zij, in de weinige uren die haar restten, oefenden zich in het trekken op het kortzwaard, het zwaaien van de aakst en het steken met de speer, bijgestaan door de mannen, die haar de grepen en de trekken en de verweren toonden.

Op een helderen winterdag zagen de edelen, die 't dichtst aan de grens van het groote Nervische woud woonden, dat op een der grenstorens een vuur was ontstoken. Dadelijk togen zij, hoewel de wegen dikbesneeuwd waren en slecht te herkennen aan de boomen langs den weg van het omringende land, naar de grens. Aan elke groote woning werd stilgehouden en het beuchelijk bericht gemeld, dat prins Sogol in aantocht was. Kondschappers snelden te paard door het gebied, ontstaken vuren in de meld-torens en spoedig waren vele edelen, welgewapend en goed bereden op weg naar den grenstoren, om te vragen van welke zijde prins Sogol naderde.

De eerste edelen, die den grenstoren bereikten en van daar den woudweg langs reden waren teleurgesteld, toen zij het kleine troepje zagen naderen. Want Sogol was half naakt en zijn lange haren en verwaarloosde baard, die nadat zij geheel verzengd was geweest, slecht was aangegroeid, gaven hem meer het woeste uiterlijk van een hoorige, dan van een toekomstigen koning. Harimona, de heilige vrouw, in lompen gehuld, barrevoets over de sneeuw loopend, maakte ook geen eerbiedwekkenden indruk.

Sogol naderde twee ernstige, breedgebouwde edellieden,

Sluiten