Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lische vloeistoffen het Magnesium opgelost houden, indien de vloeistof genoeg ammoniumchloride bevat. (Magnesiamixtuur).

Chloride Mg Cl.,, 6 aq. Lost men het carbonaat op in zoutzuur, dan verkrijgt men een oplossing van het chloride. Deze kan niet door indampen tot kristalschieten worden gebracht, daar een sterke magnesiumchlorideoplossing bij koken als volgt wordt ontleed: MgCl3 + H,0 = MgO + 2HC!.

Men voegt daarom chloorammonium toe. Het zich nu vormend dubbelzout wordt door water niet ontleed.

Bij de Solvay-soda-fabrieken wordt de ontleding van Magnesiumchloride-oplossing gebruikt om de benoodigde ammonia weer te maken uit de oplossing van ammoniumchloride.

2NH.C1 + MgO = MgCU + H.0 + 2NH, en later: MgCU + H,,0 = MgO + 2HCÏ.

Zoowel het watervrije, als het gekristalliseerde, Magnesiumchloride zijn uitermate hygroscopisch.

Sulfaat Mg S04, 7 aq.

Dit als bitterzout voorkomend sulfaat kan gemakkelijk in mooi, weinig hygroscopische, kristallen worden verkregen door ontleding van het carbonaat door zwavelzuur. Het smaakt, zooals alle in water oplosbare magnesiumverbindingen, bitter en heeft afvoerende eigenschappen (bitterwater, Engelsch zout).

Magnesiumammoniumfosfaat. Dit is het eenige zout, dat onoplosbaar blijft in vloeistoffen, die veel ammoniumchloride bevatten. Men gebruikt het dus om Magnesium quantitatief neer te slaan. Bij gloeiing gaat het over in magnesiumpyrofosfaat.

§2 ZINK.

Wet. naam Zincum; atoomteeken Zn; atoomgewicht 65,4. Valentie 2.

Voorkomen. De voornaamste ertsen zijn Zinkblende (ZnS) en Zinkspaat (Zn C03).

Sluiten