Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

optrekken tegen het volk, want het is ons te sterk. 32. En zij verspreidden een boos gerucht over het land, dat zij verspied hadden, onder de kinderen Israëls, zeggende : het land, dat , wij doorgetrokken zijn, om het te ver- < spieden, is een land, 1 dat zijne bewoners ' verteert, en het ge- I heele volk, dat wij daarin gezien hebben, zijn mannen van ! maat. 33. En daar , hebben wij de reuzen gezien, 'Anakskinde- « ren van de reuzen, 1 en wij waren in onze ■ oogen als sprinkhanen en zoo ook waren 1 wij inhunneoogen. — x XIV. 1. Daarop hief 1 de geheele gemeente « aan en deden zij hun stem hooren; en het volk weende dien ' nacht 2. En alle kin- ?■ deren Israëls morden I tegen Mozes en tegen \ Aharon, en de geheele gemeente zeide 1, tot hen: waren wij „ maar gestorven in ki. het land Egypte, of

waren wij in deze woestijn maar gestorven. 3. En waarom brengt ons de Eeuwige naar dit land, opdat wij vallen zullen door het zwaard, onze vrouwen en onze kinderen tot buit zullen worden ? is het niet beter voor ons, naar Egypte terug te keeren. 4. En zij zeiden tot

Sluiten