Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en schrijfonderwijs; lijntjes aan de andere zijde zijn ons ook steeds doelmatig gebleken. We hebben in onze practijk den leerlingen ook ,.zeIf df ]fien leeren Knieeren en het schrijfonderwijs mede op ongehnieerde leien gegeven — wat voor leerlingen met aanleg wel wat oor heeft maar ten slotte kwamen we tot gelinieerde leien terug.

.Hc,e gaarne de kinderen evenwel een lei ontvangen, vele kleintjes zitten toch spoedig met de handen in het haar, omdat ze niet kunnen inzien, wat ze er mee zullen uitvoeren. Men a ertelle hun dan 't een of ander van de lei en de griffel of geve ter inleiding een vertelling, vóór men lei en griffel uit-

Er was een kleine jongen, die gaarne naar school wilde. „Moeder, zei de kleine Frans, zoo heette hij, „wanneer ga ik naar de groote school ?"_ „Als de sneeuw weg is," zei moeder.

, moeder, zei 't kleine knaapje, „wat zal ik dan schik nebben. De jongens zeggen, dat meester zoo mooi vertelt van , wo|f en de geitjes en van Roodkapje en, o, ik weet haast niet waarvan wel."-„Nu, als de sneeuw weg is, dan moog je naar school gaan," antwoordde moeder nog eens. „Krijg ik dan ook een lei en een griffel, net als de groote jongens — „Wel zeker krijgt ge die. Meester heeft er een

ïeele plank vol in de kast en een heele doos vol griffels "

„Duurt het nog lang, moe?" — „Niet zoo heel lang meer' lieveling, zei moeder. En zoo was het ook. De zon begon warm te schijnen, de sneeuw smolt, 't werd mooi weer en toen zou rans voor 't eerst naar school gaan. Nog één nacht slapen en dan zou 't gebeuren. Toen 't jongetje 's avonds naar bed ging zei hij: „Nacht va, nacht moe, morgen ga ik naar school. Om vroeg wakker te zijn, deed hij maar gauw zijn oogjes dicht. Zzz —, zzz —! deed het zandmannetje en toen begon ons ventje te dommelen, te dom_m_e_l__en en.,

meende, dat hij op school was.

O, wat een pret! Meester was zoo vriendelijk, meester zei „beste jongen" tegen Frans. En daar waren zooveel kindertjes op school gekomen, allemaal voor 'teerst. En toen kregen ze met z'n tweeën één bank 0111 op te zitten en daar waren hokjes in , maar een lei lag er niet in. Toen begon meester te vertellen en te vragen naar vader en moeder en naar de kipjes en

Sluiten