Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Is nu de klos zeer lang en ligt bet punt P ver van de uiteinden, dan

le" y . e" ^I>D kle'" en ma° me" voor hun cosinus 1 stel¬

len. Voor de gezochte werking vindt men dan uit (14)

H =j [H = 4 ty], in overeenstemming met (12).

Voor een punt P' buiten de klos kan de berekening op dezelfde wijze gedaan worden. Men heeft dan volgens (7)

<r 1

= (cos c p' A — cos D P' A).

Ligt het punt P' ver buiten de klos, op afstanden p en p' van de eindvakken C t en D J), dan zijn de hoeken C P' A = e en D P' A = e zeer klein en mag men voor de laatste uitdrukking stellen (§ 32)

>=r (?"?)•

De veldsterkte wordt dan

\alj (jï-ir) O2;'

^temtalS me" gCmakkeÜjk Z1Ct- met hlit in deze § ""der « gezegde over-

§ 491. Practische eenheden van stroomsterkte, electromotorische kracht en capaciteit. Voor wij de instrumenten bespieten, die dienen om electrische stroomen te meten moe ten wij nog vermelden dat men zich in de praktijk va'n een-' heden bedient, die van de in §§ 483 en 484 ingevoerde electromagnetische eenheden verschillen; zij zijn een bepaald aantal malen grooter of kleiner. Wij zullen deze eenheden'de praktische noemen en in tegenstelling daarmee de in die & & gedefinieerde de theoretische.

^De practische eenheid van stroomsterkte, de ampère, is l

maal [10 maalj kleiner dan de theoretische electromag-

netische eenheid van stroomsterkte.

De praktische eenheid van potentiaalverschil (spanning) en

electromotorische kracht (§ 476) is ■ J2L maal [10" maall

V 4 TT J

grooter dan de theoretische electromagnetische eenheid. Deze ' praktische eenheid wordt volt genoemd.

De electromotorische kracht van een element van Daniell

Sluiten