Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

.. 2 = 2 ™ f™ 3)■ = 50x JS" = | X 10- KaM.

b. s = ^ jt'J = 2 X 3° V 3 X 10J = 5^°|/ 3 Meter..

c. fG X li = 2 n,v'J! y K 3 X 500 X li = g X 105

'' = 6 X 1°* X 1/ 3 = 'gV 3 = -KT Meter.

z. en Tls..

1905. No. 3.

Te behandelen één der twee volgende onderwerpen, ter keuze van den candidaat:

a. De formule af te leiden voor de bepaling van het zwaartepunt

van eene afgeknotte piramide.

b. De formule af te leiden voor het evenwicht van een den candidaat

bekend takeltuig met inachtneming der wrijving.

Een afgeknotte pyramide kunnen wij beschouwen als het verschil tusschen de oorspronkelijke, geheele pyramide en een kleinere, die van de oorspronkelijke is afgesneden door een vlak evenwijdig aan het grondvlak. Noemen wij de hoogte van de afgeknotte pyramide h, die van de toppyramide h, en de oppervlakken van grond- en bovenvlak respectievelijk G en B. Wij hebben dan:

(h[ -)- h)'J : hi = G: B, dus h, =. ^ h en h + hi =

\ G-l/B

I G

[/ G-|/B

1 l/Tï

Het volume van de geheele pyramide is dan: . hXG-

3 I G-l/B

De afstand van het zwaartepunt tot G is ' (h -f- hi) = '

4 4

(/ G i

r~y ■ /— h en dus het moment van de geheele pyramide = _ h3

V G — | B 12

X QJ

(1/ G-l/ B)5

Het volume van de toppyramide is ' B X hi = ' h X 1/ B

3 3 l/G - F B

X B; het zwaartepunt tot het grondvlak van de afgeknotte pyramide heeft

Sluiten