Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Doch in de legers der Romeinen, wier getrouwe bondgenooten zij steeds waren, schitterde nog de naam van Batavier als die van een moedigen en dapperen krijger, terwijl hun macht aanzienlijk moet geweest zijn, te oordeelen naar hun gedrag bij de verheffing van Joviaan tot Keizer.

Na deze kleine inleiding, beginnen wij thans ons verhaal door den Lezer te verplaatsen op met verren afstand van Arenacum, een stad toen aan den rechteroever des Rijns gelegen; doch welker bestaan sedert vernietigd is, hoewel sommigen willen, dat het dorp Aart, in de Overbetuwe gelegen, deszelfs oorsprong aan het oude Arenacum, ook wel Arenatio geheeten,

te danken heeft.

Zonder langer ons in beschouwingen omtrent den naam of de plaats te willen wikkelen, zeggen wij, dat niet verre van gemelde stad, aan den oever des Rijns, een groote steen stond, die waarschijnlijk vroe-

ger tot offersteen gediend had.

Op dezen steen zat op een zoelen avond een jongeling gi-dachteloos voor zich heen te staren, en zoo het scheen in diep gepeins verzonken. Hij heette Lupus, welken zonderlingen Latijnschen naam hij als twaalfjarige knaap ontvangen had, daar hij op dien leeftijd een wolf van buitengewone grootte zonder eenig ander wapen dan een stok doodde.

„Hoe onwaarschijnlijk," zegt gij, met waar, Mevrouw? „hoe onwaarschijnlijk, een kind van twaalf jaren zoude een wolf kunnen dooden!" en gij ziet uw tenger, bleek en vreesachtig zoontje van denzelfden

leeftijd aan.

Doch haddet gij, Mevrouw! uw zoon met aan de