Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hitsart! ik beu niet gekomen om u te dooden, maar alleen om eenige oogenblikken met u te spreken. Uw lefen is in mijn hand, ik kan u dooden, zonder dat gij eenig geluid kant doen hooren; doch dat wil ik niet. Beloof mij op uw eer en bij de Goden, mij aan te hooren, zonder door uw stem, uw slapend volk te wekken, en de doek zal van voor uw mond verdwijnen, en de dolk zal uw hart niet meer bedreigen — Welnu, belooft gij mij dit?"

De Koning knikte toestemmend met zijn hoofd, en de Ridder gaf hem de vrije ademhaling weder.

„Hoor mij thans aan," aldus begon hij, „gij hebt mij als gast bij u ontvangen en ik heb van uw brood en van uw zout gegeten. Reeds bij de eerste ontmoeting beminde ik uw dochter, ik bad en smeekte haar de mijne te willen zijn; doch mijn beden bleven onverhoord; en wanhopend verwijderde ik mij, zocht in den oorlog verstrooiing en genezing voor mijn diepe amart, of den dood. — Ik vond die niet, en in plaats, dat mijn liefde door verwijdering van uw dochter verkoelde, wakkerde dezelve steeds meer en meer aan, tot dat ik, mijn drift niet meer meester, tot u terugkeerde, en haar ten tweeden male mijn hart en mijn band aanbood. Ik wilde aan u diezelfde bede doen; doch Horsa bezwoer mij zulks niet te doen, daar gij mij, om een dwaze voorspelling, gewis hare hand zoudt weigeren."

"Dwaze voorspelling?" sprak de Koning, „de woorden, die Oscar aan den hemel las, zijn waar en waarachtig; de starren liegen niet.

nEindelijk," vervolgde Ridder, «stelde ik haar het plan voor, om met mij te vluchten; lang heeft zij

Sluiten