Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gekrabbel vau Wiubert (1) over te schrijven, wel eeus een enkele teug mag nemen. Van teugen gesproken, hebt gij ook nog een enkelen druppel wijn voor mij ? want toen ik de boeken zoo even schoon maakte, is inij verschrikkelijk veel stof in de keel gevlogen."

„Ziedaar, Fulrad!" zeide Rolla, terwijl hij den oude een kruik aanreikte, „drink vrij zooveel gij wilt."

Nadat Fulrad gedronken had en de kruik met een zucht van innig genoegen op de tafel had geplaatst, begon hij.

„Het is inderdaad jammer, zeg ik, dat Bonifacius zooveel geld voor zijn boeken besteedt, reken eens, hoeveel die wel gekost hebben. Hij heeft bijvoorbeeld : Verhandelingen over den brief van Paulus aan dc Romeinen, de Brieven van Taus Gregorius den Grooten en de Werken van Beda (2), en ik verzeker u, dat die meer gekost hebben, dan gij en ik aan wijn ooit zouden kunnen gebruiken. Doch ik heb u iets nieuws mede te deelen , een voor u aangename tijding, zoo ik geloof.-'

„En dat is? vroeg Rolla.

„Dat, Bonifacius zich eerlang naar Friesland zal begeven, om aldaar het Christendom te prediken."

„Friesland!" riep Rolla verheugd. ,/Friesland ! land, waarin ik geboren werd, waar Frisa woont! maar," vervolgde hij op somberen toon," waar ook Gundebald zich bevindt!"

li) Abt Winbert schreef een boek, bevattende zes profeten.

(2) Als geschenken ontving Bonifacius nu en dan heel vau Rome een weinig peper, kaneel en andere specerijen, welke in dien tijd leer kostbaar waren. Wagenaar. Vad. Hist. Deel 1, Bladz. 400.

Sluiten