Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Anderen monnik, die naar zijn waggelenden gang Ie oordcelen , mede aan de inscheping van den wijn scheen deelgenomen te hebben, //ziet gij niet, wat ik hier draag," en te gelijk toonde hij een klein sierlijk bewerkt kistje, waarvoor deze eerbiedig ter zijde week. vIk zeg maar," riep Fulrad „dat het een groote eer is en een blijk van bijzonder vertrouwen, dat ik dit kistje, gedurende onze reis. in mijn bewaring moet houden."

//En wat bevat het?"' vroeg een der soldaten, ,/waarschijnlijk edelgesteenten of een heilig reliquie?"

«/Geenszins," gaf Fulrad ten antwoord, „het is peper, kaneel en specerijen, die hierin gesloten zijn."

«Die dingen ken ik niet, ' gaf de solrla:it ten antwoord, waarop Fulrad, die, wnnneer hij wijn gedronken had, bijzonder spraakzaam was, hem een uitlegging van dc specerijen en het gebruik van dezelve gaf.

In het verblijf des Risschops echter had een ernstiger bezigheid plaats; daar stelde dc eerwaardige grijsaard, die alleen voor de belangen van het" Christendom leefde, zekeren Gembert tot zijn eersten discipel aan , opdat de gemeente van Attingohem, gedurende zijn afwezigheid, niet zonder geestelijk toezicht zijn zoude.

Indrukwekkend was de taal, die bij deze gelegenheid over 's Bisschops lippen vloeide, en met tranen in de oogen, welker glans door ouderdom en aanhoudende studiën verdoofd was, smeekte hij Gembert voor dc gemeente te zijn, wat een goed herder voor zijn kudde is, en boe het ook mocht gaan , dezelve niet te verlaten.

Toen gaf gij het volk, hetwelk rondom zijn woning

Sluiten