Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat hij zijn tegenpartij als kwetsenden dolk in het hart zou kunnen stooten, maar zij had hem met haar vermaningen in 't laatst gehinderd, en deze soort van plagerij, waarop zij niet kon antwoorden, was dus een verdiende straf. Helene met haar eeuwige predikaties van bedachtzaamheid en wijsheid moest eens leeren zien, dat die eigenschappen niet de spil waren, waarom zich alles draaide. Hij wilde doen uitkomen, dat Edward, aan wiens oordeel zij waarschijnlijk meer waarde hechtte, juist dacht als hij, en met genoegen zag hij dus, hoe bij die zinspeling op Sylvia's gunstig gevoelen een uitdrukking van onmiskenbaar welbehagen over diens trekken gleed. liet was een kleine vergelding voor de ergernis, die zij hem bereid had, want de ergernis van hartstochtelijke menschen wordt haat, en die van koele wordt spot.

Wat zijn woorden inderdaad uitrichtten, dat vermoedde hij niet.

De jonkvrouw had Edwards gebaar, zij had zijn blik gezien, en de straal van vreugde daarin zeide haar genoeg. Wat zij gevreesd had was daar uitgesproken, en zij voelde dat haar kleur verschoot. Haastig bukte zij om die verraderlijke teekenen te verbergen; het viel nog zoo moeielijk de tranen te onderdrukken, die weer in haar oogen wilden opwellen.

Reinout was met zijn aandacht meer bij Edward dan bij haar geweest; die beweging ziende, stond hij echter op en wilde haar in het zoeken helpen, toen de verandering van haar gelaat hem plotseling in 't oog viel. De met moeite weerhouden tranen, het beven der lippen, de angst waarmee zij zich snel van hem afkeerde, zij waren niet mis te verstaan; als een licht, welks schijnsel hem terug deed schrikken, ging het hem op.

Helene beminde Edward, zij beminde hem warmer dan de jongeling haar; wat Meerwoude nog weinige uren geleden een schier onmogelijke onderstelling zou hebben genoemd, het stond nu als feit vóór hem.

onderdrukte den uitroep, die hem wilde ontsnappen; zij mocht niet weten, dat hij haar ontroering bemerkt had, en aan de pijnlijke schaamte eener ontdekking blootgesteld worden; haastig bracht hij dus het gesprek op andere onderwerpen. Hij sprak op levendigen toon, niet met het voorkomen van iemand die een ongedachte en voor hem belangrijke kennis verworven had; Helene vermoedde dus niet, dat zijn blik in haar ziel had gelezen, en nog minder dat hij zich bekommerde om hetgeen daarin te lezen was. Wat kon het hem deren, voor wien er teedere gevoelens in haar hart klopten, sedert hij die voor zich zelf noch vroeg noch zou hebben beantwoord ?

Inderdaad, hij had haar nooit liefgehad in den jongen, warmen zin der liefde. Daartoe kende hij haar te goed. Hij had haar zien

Sluiten