Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zalvende stem, en opziende ontdekte hij een net gekleed man, die met sluik geknipte haren, in een geveinsd deemoedige houding, voor hem stond. De ruwe baard was afgeschoren, en het verschil, door dit alles teweeggebracht, zoo groot, dat Meerwoude zelf een oogenblik moeite had, zijn haveloozen bezoeker van gisteren te herkennen. Eelco bemerkte dit met groote voldoening. »Heb ik te veel gezegd ?" vioeg hij tevreden, doch bemerkend dat zijn nieuwe meester niet zeer goed geluimd scheen, vorderde hij geen verdere erkenning, maar vervolgde weer ootmoedig: »wil Uw Edelheid mij vergunnen haar te bedienen? ik heb al meer groote heeren geholpen — en dikwijls voor gewichtige gelegenheden, zelfs voor een huwelijkstoilet," voegde hij er met een gelaat bij, dat Reinout zeggen moest, hoe het geen gewoon huwelijk was geweest, waartoe hij zijn medewerking verleend had. Deze bleek intusschen geen belang in de zaak te stellen. »In wat voor soort van diensten zijt gij geweest?" vroeg hij.

«Bij Katholieken en Protestanten, edelen en niet edelen; ik heb er van alle standen en religies gehad."

»En welke religie hebt gij zelf?"

Eelco hield een onbeschreven papier in de hoogte. »Daar staat niets," zeide hij; «maar wat zou er kunnen staan?"

«Natuurlijk alles."

»Juist zoo is het met mijn geloof. Wat wil Uw Edelheid er hebben?" Reinout moest erkennen, dat zulk een bereidvaardigheid niets te wenschen overliet. «Het is goed" antwoordde hij, «ga dan tusschen>eide naar de mis, en neem een devote houding aan als het hoogwaardige voorbijkomt, doch wees overigens niet te ijverig, want dat hindert de hervormden, en men behoeft niemand aanstoot te geven." «Geen zorg! de vasten heb ik alleen te Brugge gehouden, waar de visch zoo bijzonder goed is; biechten zal ook wel niet noodigzijn?"

De zin der gemeenzame vraag was duidelijk genoeg; Meerwoude vond het echter niet noodig te toonen, dat hij ze begrepen had. «Luister," zeide hij na een poos van stilte, «ik heb u vroeger in Antwerpen ontmoet, en gij hebt daar een persoon gezien, die mij dikwijls lastig viel; dat weet gij als men er u naar vraagt, maar uit u zelf spreekt gij niet daarover. Herinnert se u de ontmoeting?" «Volkomen." b'

«Van dien persoon weet gij verder niets."

«Niets." Eelco's kluchtige ernst verried, dat hij de bedoeling van zijn meester verstond, en tevens dat hij grooten lust tot een verder gesprek koesterde, maar Reinout verkeerde niet in de stemming om met zulk een onderhoud zich in te laten. Zwijgend liet hij°zijn kleeding voltooien; dan zond hij den dienaar weg, en ging eenige

Sluiten