Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

NKG ENDE HOOFDSTUK.

O vaderland dat mg, verdreven,

Ten prooi aan angst en kommer gaf, Uw heil'ge bodem schonk mij 't leven; Waarom schenkt mij uw grond geen gral'?

Wie kan zeggen vanwaar ze gekomen zijn, de eerste wolken aan een helderen hemel? Langzaam stijgen ze op en worden dicht en zwaar, doch het oog bemerkt ze niet, tot de verdwijnende lichtstralen plotseling schijnen te vragen: vanwaar die duisternis? Ook het menschenhart heeft zijn hemel en zijn wolken. Als de twist is uitgebroken, herinnert men zich het eerste verschilpunt, de kleine oorzaak dikwijls van groote gevolgen, misschien opgerezen uit de ontstemming van het oogenblik, maar gebleven 0111 het heil van jaren te verwoesten; en wat ternauwernood bemerkt werd, toen het nog was, dat wordt, nu het geweest is, een onvergetelijke gebeurtenis; onvergetelijk, — gelukkig zoo daar niet op volgen moet: onvergeeflijk!

Aan Edwards helderen hemel rezen zulke nevels op, en ze waren reeds zwaar genoeg, om hem tot de vraag te brengen, wanneer de vroegere klaarheid voor 't eerst bewolkt was.

Zijn woordenwisseling met Viale lag eenige maanden achter hem, en geen hernieuwing van dat pijnlijk geschil was meer storend tusschen hun genegenheid getreden, maar hij had gevoeld, dat niet dien korten strijd een nieuw tijdperk was aangebroken. Hij had zich na dat uur voor 't eerst weder ernstig rekenschap van zijn eigen ik gegeven, en die overdenking had tot het volle besef van een verandering in zijn binnenste geleid, zoo groot dat ze een terugkeer tot zijn vroeger wezen voor altijd uitsloot.

Hij was niet meer de streng katholieke met zijn kerk dwepende jongeling van voorheen; zijn adellijke kennissen hadden dat reeds

Sluiten