Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

goedvindt zich daarom te bekommeren; wij zullen zien of hij, als ik open spreek, even onverschillig zal blijven."

De Italiaansche zuchtte. «Welk een onaangename taak voor mijn genadige meesteres; ik ben erg ongelukkig, dat het zoo ver is gekomen."

»Het is een van die vele teleurstellingen, welke ons leven meebrengt, maar die ons altijd weer grieven," hernam de landvoogdes, »en vooral hier, waar ik zoo vast op loyale gezindheid rekende; doch dat is een gevolg van dien verderflijken omgang, waarin onze beste jongelieden in Brussel zoo licht geraken; gij kunt overtuigd zijn, dat Melville onder slechten invloed staat."

«Dat vreesde ik wel, maar hij wil nooit luisteren, als ik hem verzoek zich liever nauw bij hen aan te sluiten, die ik durf vertrouwen, wijl zij de gunst Uwer Hoogheid bezitten; liij knoopt dadelijk allerlei achterdochtige ideeën aan mijn raad vast."

Deze opmerking scheen niet het geschiktste middel om een toch reeds vertoornde gebiedster in beter stemming te brengen; in dit geval ten minste bewerkte zij geen verzachting. Met een zucht van medelijden voor het slachtoffer dier jaloezie zag de landvoogdes Silvia aan, en antwoordde: »ja mijn kind, wij hebben ons bedrogen; hadden wij kunnen vermoeden wat er al gebeuren zou, wij waren niet zoo spoedig bereid geweest het zegel onzer goedkeuring aan de genegenheid onzer jeugdige beschermeling te hechten, maar onherroepelijk is gelukkig nog niets beslist, en onze lieve Silvia heeft in dien tijd zelf ingezien dat niet ieder heil het ware is. Wij kunnen het gebouw onzer teederheid op zand gebouwd hebben, en dan is het onrecht er in te blijven, want het puin zou ons bedekken."

De «lieve Silvia" — zij zag er niet naar uit, om ooit in dergelijk gevaar te verkeeren — liet haar hoofd op de borst zinken en prevelde met een nog dieperen zucht, dat ook zij vreezen moest zich bedrogen te hebben, maar dat zij de gevolgen zou dragen zooals haar plicht was, mits zij slechts met haar beminde meesteres vereenigd bleef; die alleen was immers haar steun in het vreemde land.

Als verzekeringen van genegenheid een verkwikking voor vorsten zijn, dan was het Margareta toe te wenschen, dat haar hart op dit oogenblik geloovig genoeg was, om het zoet er van te smaken, want geen lippen hadden aan die innige woorden meer betoovering kunnen geven, dan de kleine mond, die ze op zoo ongekunstelde wijze sprak, en naar haar toon te oordeelen was zij ook geheel onder den indruk van dat genot. Met gevoelvolle stem hernam zij: «neen, mijn Silvia, uw geluk mag er niet bij lijden; gij zijt onder vreemden, doch ook in dit land zijn handen, waaraan uw levenslot veilig kan

Sluiten