is toegevoegd aan uw favorieten.

In dagen van strijd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vereischt achtte, die hij vermoedde dat De Lanoy niet bezat. Margareta vatte het ook zoo op en sprak met aandrang: »het moet thans het streven van iederen onderdaan zijn, die overwinning gemakkelijk te maken."

Meerwoude haalde de schouders op. »U\v hoogheid wil den omvang mijner Pylades-stemming eens leeren kennen," zeide hij glimlachend; hij scheen eenige oogenblikken te aarzelen; toen vervolgde hij: »mijn arme Orestes kon inderdaad niet anders, hij had zijn trouw met zoo overspannen eeden aan zijn partij verpand, dat hij zich wel voor een verrader houden moest, als hij haar nu in den steek liet; hij is te beklagen."

De landvoogdes begreep den zin dezer woorden; zij behelsden een verzoek om genade voor Dalvilliers, en snel berekende zij of de hulp, die Reinout haar zou kunnen leenen, een vervulling van zijn wensch niet geraden maakte. »Ik beklaag bovenal de betrekkingen dezer ongelukkige, en, zooals ik hopen wil, verblinde menschen," zeide zij; »de heer van Dalvilliers is gehuwd, niet waar?"

»Ja, genadige vrouw, en de diensten, die het geslacht zijner gade aan de regeering bewezen heeft, plaatsen hem in een soort van afzonderlijke positie," antwoordde Meerwoude, haar haastig bij een poging ondersteunend, die de goedheid, welke zij uit staatkunde meende te moeten hebben, tot een ingeving van haar vrouwelijk hart scheen te maken. Zij werd niet gaarne aan haar sekse herinnerd, waar die werkelijk in 't spel was; haar vrees tijdens de beeldstormerij hoorde zij liever aan een list, dienende om den ijver harer verdedigers te beproeven, dan aan vrouwelijke blooheid toeschrijven; maar waar haar staatkunde een concessie moest doen, daar schoof zij die gaarne op rekening van een factor, die niet tot de uitkomst had meegewerkt. Het waren kwade zaken, en zij noemde ze dus liefst met den besten naam.

Meerwoude wist dit, en de landvoogdes begreep dat hij het wist, maar geen van beiden gaven zij daarom hun rol op. »Het doet mij leed voor de arme jonge vrouw," zeide Margareta: »als het niet zoo moeielijk ware een uitzondering te maken" — zij hield op en vervolgde dan snel: »gij begrijpt, welk een dwang de ruchtbaarheid onzer daden aan onze daden zelf oplegt."

»Wanneer stoorde zich ooit de grootheid aan een beoordeeling, die als zij bevoegd was alleen bewondering zou kunnen zijn?" antwoordde Reinout, terwijl de landvoogdes een geheim welgevallen in deze vleierij niet onderdrukken kon; »intusschen, het zou zeker beter zijn de zaak niet ruchtbaar te maken." Hij zweeg even, en sprak dan achteloos: »ik kom u om oorlof verzoeken,