Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waarvoor hij gevallen is, dat voor de groote zaak geen olTers ontzien mogen worden; ik doe u geen verwijt, ik leg u slechts dien éénen plicht op, en ik weet dat gij hem vervullen zult: doe haar zegepralen."

Er stonden tranen in veler oogen, maar niemand dacht meer aan verzet. Zwijgend verstrooide zich de menigte; het was een overwinning, die voor den prins met indrukken van diepen weemoed vermengd moest zijn, doch het was de volkomenste overwinning, die hij had kunnen behalen. Ieder begreep, dat hij zich onderwierp, toen hij naar zijn woning terugkeerde, maar ieder begreep ook, dat hij zich onderwerpen móest. Zelfs Reinout betichtte het volk niet van zwakheid, hij voelde dat het niet anders kon doen, want ook hij had zich gebogen. Ja, toen hij duizenden naar den prins, als naar hun aller redder of verderver, de blikken zag wenden, toen kwam hij zich klein voor in zijn plannen, die geen middelpunt hadden dan zijn eigen ik. Hij boog onder een te voren nooit gevoelde aandoening van schaamte; de vloek der zelfzucht rustte op hem, hij kon het zich niet verhelen dat hij niets voor anderen was, en erkende de grootheid van hen die in hun denken de gedachte van duizenden tot rijpheid brachten, die hun leven in ontelbare levens zouden voortzetten. —

De mensch bezit een groot talent om zich in eigen oog te rechtvaardigen; ook Reinouts stemming duurde niet lang, maar zij verbitterde hem toch het genoegen, dat hij anders in den argwaan zou hebben gevonden, dien hij begreep dat 's prinsen gedrag bij de regeering moest wekken. Het was alleen Oranje's beleid, dat Antwerpen voor een bloedig oproer bewaard had, maar de wijze, waarop zijn aanspraak tot het volk in Brussel zou worden overgebracht, deed Meerwoude niet twijfelen, of de landvoogdes zou hieruit een nieuwe aanklacht tegen iemand vormen, die haar eens opgewekt wantrouwen nooit meer verzoenen kon, en in elke andere gemoedsgesteldheid zou hij zulk een vooruitzicht met blijdschap hebben begroet; nu echter was het niet bij machte zijn somberheid te verstrooien. Het viel hem pijnlijk dat zijn bezigheden hem nog eenigen tijd terughielden, hij verlangde naar het oogenblik waarop hij Antwerpen achter zich zou hebben; in deze lucht kon hij niet ademen.

De atmospheer van Brussel was voor zulke gevoelens zeker het beste geneesmiddel. Hier zou geen zelfzucht beschaamd worden, hier was laag egoïsme nog de hoofdtoon van ieders voelen en denken. De landvoogdes vroeg alleen, hoe groot haar macht zou zijn als de hertog kwam, haar aanhangers peinsden meest, welk een invloed zijn komst op hun bevordering kon hebben. Reinouts hart behoefde

Sluiten