is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leven der planten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het is dan ook waarschijnlijk, dat do beteekenis van het anthokyaan niet alleen gelegen is in het terughouden der voor de omzetting der stoffen nadeelige stralen, maar ook in de omzetting van licht in trillingen van langeren duur n.1. in warmte. Hiervoor pleit tenminste het feit, dat zich in tijden en op plaatsen, waar andere warmtebronnen weinig opleveren, anthokyaan ook aan de bovenzijde der bladeren rijkelijk ontwikkelt, en dat over 't geheel bladeren en stengels van vele op zulke plaatsen voorkomende planten geheel rood of violet gekleurd zijn. Een menigte kleine, éénjarige planten, die al zeer vroeg in 't voorjaar bij lage temperatuur groeien, bij voorbeeld Saxifraga tridacti/lites, Drievingerige Steenbreek; Hiitchinsia petraea; Veronica praicox, Vroege Eereprijs; Androsace maxinia e. a. zijn gewoonlijk aan alle kanten van hun groeiende deelen door anthokyaan gekleurd; ook de kiem planten, die bij lage temperatuur uit den grond opschieten, en vóór alle wel de planten der hooggebergten in de buurt van de sneeuwgrens zijn ruim voorzien van anthokyaan en wel aan de boven- en aan de onderzijde der bladeren.

Zoo zijn de blaadjes en stengels van het donkere Vetkruid der Alpen, Sedum atratum, en van de vele in het hooggebergte inheemsche soorten van Kartelblad, zooals Pedicularis incarnata, rost rata, recutita, geheel purperkleurig en donkerviolet en wel ook op de standplaatsen, waar die kleuring onmogelijk als beschutting van het bladgroen zou kunnen worden opgevat. Zeer in 't oog vallend is ook het verschijnsel, dat zeer verspreide grassen, als Ai ra caespitosa, Boender gr as; Briza media, Trilgras; Festuca nigrescens, (een soort Zwenkgras); Miliuiii effusum, Uitgespreid Gierstgras; I'oa annua en nemoralis, Klein Beemdgras en Bosch Beemdgras, die in de dalen bleekgroene kafjes bezitten, in het hooggebergte anthokyaan in die kafjes ontwikkelen, zoodat dan de aren en trossen een donkerviolette kleur vertoonen, en hierdoor ook de velden op plaatsen, waar zulke grassen in groote hoeveelheid gezellig groeien, een eigenaardige donkere tint aannemen. En deze kleur treedt des te intensiever op, naarmate de bedoelde planten dichter bij de sneeuwgrens groeien, en hoe sterker het zonlicht zich er doet gelden, des te donkerder is de door anthokyaan teweeggebrachte kleuring. Als een beschuttingsmiddel van hot chlorophyl is in dit geval de kleurstof zeker niet te beschouwen, want de kafjes bezitten in 't geheel slechts zeer weinig bladgroen en nemen zoo weinig deel aan de vorming der organische stoffen, dat de weinige chlorophylkorrels daarin ook wel geheel konden ontbreken, zonder dat de plant er eenig nadeel van zoude ondervinden.

Daarentegen kan men zich voorstellen, dat door het overvloedige anthokyaan van deze kafjes het intensieve licht der hooggelegen streken in warmte wordt omgezet, en dat deze warmte het in de kafjes verborgen vruchtbeginsel bereikt en daar zoowel op de omzetting der stoffen als op den groei der zaden gunstig werkt. Met de talrijke op de Alpen inheemsche Zoggen en Bloembiezen, die donkerpaarse, bijna zwarte dekschubben iu do bloemen hebben, bij voorbeeld Carex niijra, at rata en aterrima, Juncus Jacquinii, trif dus en castaneus, is het

A. Iü'.kmsr vok .Mauii.aiin, IIet. lovon tic!" planton. II. 1!3