is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leven der planten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gesloten en niet meer verschuifbaren stengel, die toch in de dikte groeit, zeer dicht op elkander, en daardoor ontstaan die vreemde lianen, die de verbazing opwekken van alle bezoekers in een tropisch woud. Kurketrekkerachtig om de dunne stengels van andere lianen gewonden stengels, van 4 centimeter middellijn zijn geen zeldzaamheid en soms ziet men zulke klimplanten, waarvan er een paar stukken op onderstaande afbeelding in natuurlijke grootte zijn afgebeeld, met honderden zeer gelijkmatige windingen, veel meters hoog, als dikke kabels tot in de hoogste boomkruinen reiken.

Er zijn planten, welker stengels gewoonlijk niet winden, maar die windend worden, zoodra ze in aanraking komen met een geschikt steunsel. Als Aconitum paniculatum, een soort van Monnikskap, opgroeit tusschen struikgewas en zich de stengel en de daarvan uitgaande vertakkingen, in de buurt der bloem

Stukken dor stengelü van tropische, spiraalvormig1 grewonden Lianen. Natuurlijke grootte.

tegen houtige stevige stammen aan drukken, krommen ze zich op de plaats van aanraking, omvatten den hun aangeboden steun en worden windend. Bij de in het vrije veld en op bloembedden opgegroeide Acunifum paniculatum heeft dat zich krommen en winden niet plaats. Aan den anderen kant ontbreekt het niet aan planten, welker takken zich spiraalvormig winden, al is ook elke aanraking met eenig steunsel ver te zoeken. Zoo bij voorbeeld ontwikkelt de tot de H ama meiidaceeën behoorende struik Actinidia Kalomikta op zeer in 't oog vallende wijze spiraalvormig gedraaide, in de lucht omhoog groeiende takken.

De rankende stengel, caulis cirrhosus, stijgt omhoog met behulp van eigenaardige organen, die ranken worden genoemd, ten einde daar te komen, waar zijn groene bladschijven het benoodigde zonlicht in voldoende mate kunnen deelachtig worden, en waar ook zijn bloemen en vruchten den gunstigsten stand kunnen verkrijgen. l)e ranken, die het klimmen van den stengel mogelijk maken, hebben in jeugdigen toestand den vorm van draden; soms zijn ze dun en fijn,