Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

groeienden wortel heeft men op verschillende wijze getracht te verklaren. Men dacht zich het cylindervormige wortellichaam in de lengte in talrijke strooken verdeeld, en nam aan, dat niet alle lengtestrooken tegelijkertijd even sterk in de lengte groeiden, dat integendeel de sterkere wasdom langzamerhand van de eene op de naburige overging. Waarschijnlijk is echter deze beweging, evenals bij de windende stengels, een afwisselend buigen naar verschillende richtingen, als het ware naar de verschillende stralen van een om den wortel gelegden cirkel, en terwijl met deze beweging een verlenging van dat deel van den wortel samengaat, volgt het groeiend uiteinde van den wortel eene schroeflijn.

De door het uitwijken van den wortel veroorzaakte buiging is öf een gevolg van éénzijdige verkorting óf van eenzijdige verlenging. Daar de buiging plaats heeft bij het groeiend deel van den wortel, beschouwt men sterkeren groei aan den eenen kant van den wortel als oorzaak van deze kromming, en alle momenten, die den eenzijdigen groei bevorderen, zouden dan ook zulk een buiging kunnen te voorschijn roepen. Wat meer in 't bijzonder de kromming aangaat der schijnbaar de droogte ontvliedende wortels, deze wordt toegeschreven aan het eenzijdig onttrekken van water aan den top van den wortel. Ligt de wortel besloten tusschen een droge en een vochtige laag, dan zal daar, waar droogte heerscht, een sterkere uitdamping van de aangrenzende helft van den wortel veroorzaakt worden. Deze sterkere transpiratie echter zal een sterkeren lengtegroei meebrengen, ten gevolge van dien sterkeren, eenzijdigen lengtegroei zou de tegen de droge laag aan liggende zijde convex, en de tegen de vochtige laag gelegen kant concaaf worden.

Belangrijker dan dergelijke lastige mechanische verklaringen van de verschillende wortelkrommingen is het voor talrijke gevallen geleverde bewijs, dat de k r o m m i n g niet onmiddellijk op de plaats, w a ar de ui twendige prikkel werkt, maar in de achter de geprikkelde punt van den wortel liggende groeiende streek plaats heeft, en dat dientengevolge blijkbaar een geleiding of een overdracht van den prikkel plaats grijpt, evenals bij de bladeren van Zonnedauw, van het Vliegenvangertje, de Aldrovandia, de Mimosa's en vele andere planten. Als prikkels kunnen werken drukking, koude, droogte en waarschijnlijk ook chemische werkingen. Ook de zwaartekracht werkt als prikkel, en wel als een, die invloed heeft op de richting van den groei. Men meent, dat de zwaartekracht door den top van den wortel als groeiprikkel wordt gevoeld, en dat die prikkel op de daarboven liggende groeiende streek wordt overgebracht, zoodat daardoor de eerste wortels naar het middelpunt der aarde groeien.

Het voor prikkels meest gevoelige deel van den groeienden wortel is, naar de ervaring leert, zijn top, en de verschijnselen, die door de daar zetelende, groote prikkelbaarheid worden veroorzaakt, zijn zoo treffend, dat Darwin de wortelpunt met de hersenen van laagstaande dieren kon vergelijken en meent, „dat het nauwelijks overdrijving mag heeten, als men zegt, dat de prikkelbare top van den wortel, die het vermogen bezit, de bewegingen der naburige gedeelten te leiden, werkt als de hersenen der lagere dieren,

Sluiten