Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

woorden gehoor, gezicht en smaak in de eerste plaats aan de werking van het zintuig, den reukzin, en het is verwarrend, als hetzelfde woord ook nog moet dienen voor datgene, wat het reukorgaan prikkelt. Daarom is het beter, in het algemeen alleen het woord geur te gebruiken. Men kan dan van een onaangenamen geur spreken, zoodra het lichaam, dat dien prikkel uitoefent, in ons een gevoel van onlust, van een aangenamen geur, zoodra de riekende stof een gevoel van welbehagen in ons wakker roept. Alleen mag men niet over het hoofd zien, dat dit onderscheid tusschen aangenaam en onaangenaam tot op zekere hoogte individueel is, en dat de een of andere geur door den een aantrekkelijk, door den ander afstootend kan worden gevonden. Ook is het waarschijnlijk, dat dieren door de geuren heel andere indrukken krijgen dan de mensch. De voor den mensch zoo onaangename aasgeur werkt op aasgieren, aaskevers en aasvliegen blijkbaar aanlokkend en kan dus voor die dieren niet onaangenaam zijn.

liet aantal geuren is zeer groot. Zuinig berekend, kan men een goede vijfhonderd ervan onderscheiden. Wil men ze vaststellen en omschrijven en hun eigenschappen aangeven, dan raakt men in groote verlegenheid, want de taal bezit de aanduidingen niet voor de verschillende soorten, en er blijft niet anders over dan te zeggen, dat de bloem der Reseda een resedageur heeft; dat de Wijnruit naar wijnruit riekt enz. Wel heeft zich reeds lang de behoefte voorgedaan, in die veelvuldigheid orde te brengen en er een overzicht van te geven, gelijke of op elkander gelijkende geuren samen te vatten en middelpunten op te zoeken, waaromheen men de andere kon groepeeren, ongeveer op do wijze, waarop men grondtonen en grondkleuren heeft vastgesteld, maar tot nu toe heeft men met die behoefte nog niet voldoende rekening kunnen houden, en wel omdat de chemische verhoudingen der geuren, die tot grondslag zouden moeten dienen voor een wetenschappelijke indeeling, slechts zeer onvolkomen bekend zijn. Wanneer wij echter toch in de volgende regelen ons aan een indeeling der geuren wagen, maakt zij allerminst aanspraak op volledigheid en ook niet op onfeilbaarheid, maar wil alleen beschouwd worden als een eerste poging van een ontwerp voor zulk een indeeling, en als iets, waarnaar men zich voorloopig bij het benoemen der geuren kan richten.

Men kan geschikt vijf groepen van geuren bij de bloemen onderscheiden en die samenvatten onder de namen indoloïdc, aminoïde, benzoloïde, parafinoïde en terpenoïde geuren.

Tot de eerste groep behooren de bij de ontleding van eiwitachtige verbindingen ontstaande en zich in de dampkringslucht verspreidende riekstoffen, waarin een of meer benzolkernen worden aangenomen, en die ook stikstof bevatten, dus bijvoorbeeld leucine en ty ros ine, ska lol en in dol. Naar de laatstgenoemde stof worden ze indoloïde geuren genoemd. Zij worden afgescheiden door de bloeiwijzen van veel Aroïdeeën, door de bloemen van alle Stapel ia's van Zuid-Afrika; door die der Ha 1 anoph oreeën, Hafflesiaceeën en Hydnoraceeën; door de bloemdekken van ongeveer 200 Aristolochiaceeën en .ook door die van eenige tropische Orchideeën,

Sluiten