is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leven der planten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

snel. De afbeelding op de vorige bladzij geeft eenige voorbeelden van deze opening en sluiting. Bij de reeds herhaaldelijk genoemde Silene nutans, Fig. 5, gaat de doosvrucht open op den naar boven gerichten top, met wijduitstaande, bijna niet gebogen tanden. Hetzelfde geldt van de dubbele doosvrucht bij verschillende soorten van \ lasbek, bij voorbeeld Ijitiaria macedonica, Fit). 3. Bij Cerastium macrocarpum, een soort van Hoorn bloem, in Fig. 4 weergegeven, is de doosvrucht naar de zijde gekeerd en een weinig omhooggebogen en springt met spitse, weinig gekromde tandjes open: bij Lychnis diurna, Dagkoekoeksbloeni, Fig. 2, gaat de rechtovereindstaande vrucht open met tanden, die spiraalsgewijs worden omgerold; bij de Klokjes, bij voorbeeld Campanula rapunculoides, Akker klokje, Fig. 1, laten dicht bij den voet van de doosvrucht scherp begrensde stukjes van den wand als kleppen los, waardoor er daar openingen worden gevormd; bij Wintergroen, I'irola, bij voorbeeld Pirola cltloraiUha, Fig. li, ontstaan aan den naar boven gekeerden voet van de hangende doosvrucht gapende spleten, en bij liet Vetblad, 1'inguicula vulgaris:, Fig. 8, gaat de rechtovereindstaande doosvrucht met twee kleppen in haar geheel open.

Hoe al die doosvruchten er uitzien, wanneer ze door regen of dauw worden bevochtigd, vertoonen de Fig. 1' tot 8'. De sluiting is zoo volkomen, dat van binnendringen van vocht in liet inwendige der doosvrucht geen sprake kan zijn, en zoo zijn de daar geborgen zaden tegen het gevaar van ontijdige bevochtiging uitstekend beveiligd. Waar slechts smalle spleten ontstaan in do zijwanden der doosvrucht, zou het mogelijk zijn, dat liet water er door binnendrong en de zaden bedierf. Maar juist die doosvruchten zijn buitengewoon hygroscopisch, en zelfs een geringe bevochtiging met dauw is voldoende, om de bij droog weer geopende spleten dadelijk te doen sluiten, als de vochtigheid der lucht toeneemt en er dauw wordt gevormd. De vruchten van do orchideeën onzer weiden, zooals Gymnadenia conopsea, Groote Naaktkl ierbloem, afgebeeld op blz. 523 in Fig. 7 en 7', vertoonen dit verschijnsel bijzonder mooi.

Doosvruchten, die met hunne openingen naar beneden gericht zijn, bestaan er slechts weinige, en bij deze is de verspreiding der zaden geheel anders, dan boven werd aangegeven. Bij de Funkia's, zooals Funlia ocata, Funkia Sieboldi, Fiutlia subcordata enz. hangen de kortgesteelde zaaddoozen aan een rechtovereindstaande spil en springen bij droog weêr aan den naar beneden gekeerden top met drie kleppen open; maar met dit openspringen gaat een omrollen van de randen der kleppen gepaard, en hierbij wordt al een deel der zaden naar buiten geslingerd. Ook die zaden, die bij het omrollen van de randen der kleppen achterblijven, vallen niet, zooals men zou verwachten, uit de naar beneden hangende, geopende doos in de naaste omgeving op den grond; ze zijn namelijk aan den binnenwand van de kleppen der doosvrucht opgehangen aan dunne draden, hebben den vorm van dunne blaadjes, bieden dus den wind een betrekkelijk groot aanrakingsvlak, worden daardoor van de draadjes afgerukt en als kaf uit de wijd opengesprongen doosvrucht weggeblazen.

De takken van den rechtovereindstaanden tros van Spiraea aruncu,< zijn, evenals de daaraan gezeten kortgesteelde bloemen en jonge kokervruchten, naar