is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leven der planten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet geheel onmogelijk, is het, dat door het enten van takken van Meidoorn, welker bovenste bladeren ten gevolge van den invloed der galmug Cecidonnjiu crutaei/i diep gespleten zijn, een Meidoornspruit kan worden in stand gehouden, die aan alle bladeren deze diepe insnijdingen en lobben vertoont.

Het ontstaan van nieuwe vormen ten gevolge van de kruisbestuiving.

Ten allen tijde hebben tuin- en landbouwers den wensch gekoesterd, om op den door hen bebouwden grond planten te kweeken, die weelderig gedijen, die smakelijke, goede vruchten dragen en een ruimen oogst mogelijk maken. De tuiniers en bloemkweekers stelden zich ten dool, uit in 't wild groeiende planten eene nakomelingschap op te kweekon, die door pracht van bloemen, door sierlijke vormen en aangename geuren hare stamouders mocht overtreffen en zoo bij don bloemenvriend genoegen en bewondering mocht opwekken. I)e eersten, zoowel als de laatsten trachtten do planten, waaraan zij hunne zorgen besteedden, te volmaken en te „veredelen", en zij hebben in dat opzicht inderdaad groote resultaten bereikt, die iedereen bij 't nagaan van de geschiedenis der cultuurplanten, met bewondering moeten vervullen. De wegen, die tot deze resultaten leidden, werden niet altijd met voordacht ingeslagen en evenmin had men het wetenschappelijk onderzoek tot richtsnoer genomen. Eerder werden de plantenkweekers. door toevallig bij hun omgang met de plantenwereld in de vrije natuur gedane waarnemingen, gebracht tot de eerste onbeholpen pogingen, 0111 aan do veldvruchten een grootere opbrengst te verzekeren, ooft en groenten smakelijker te doen zijn en sierplanten schooner te maken.

Het belangrijkste middel, dat ze bij dio pogingen bezigden, was de kunstmatige kruisbestuiving van de gekweekte soorten. Met het oog op de sinds overoude tijden in China en Japan gekweekte Asters, Chrysanthemums, Camelia's, Anjelieren, Pioenen en Hozen, die voor het meerendeel het resultaat van kruisingen zijn, mag men met zekerheid aannemen, dat in de genoemde landen do kunstgreep van 't bestuiven der stempels van de eene soort, met het stuifmeel uit de bloemen van een andere soort, het eerst in gebruik is geweest. In Europa was die kunstgreep wel reeds bij de rozenkweekers in den ltomeinschen Keizertijd bekend; maar op groote schaal werd hij eerst in de 17de eeuw toegepast, toon men op hartstochtelijke wijze zich op het kweeken van tulpen en aurikels begon toe te leggen.

De kweekers bewaarden destijds hun handelwijze nog als een diep geheim, en eerst veel later, namelijk in de tweede helft van do 18de eeuw werd do teelt van nieuwe plantonvormen met behulp van kunstmatig bewerkstelligde kruisbestuiving op vele plaatsen in het openbaar beoefend. Sedert eenige tientallen van jaren is de kunstmatige teelt van zulke nieuwe planten vormen, dio men hybriden noemt, oen der voornaamste onderdeelen van de taak dos