Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet onwaarschijnlijk, dat ook de vleezige Bafjlesia's, die voornamelijk langs de door groote dikhuidige dieren begane paden worden aangetroffen, op bovengenoemde wijze worden verspreid. Zeer merkwaardig is ook de verspreiding der zaden van Xuphar, Gele en Nymphaea, de Witte Waterlelie. Hoe zij door stroomend water geschiedt, werd reeds op blz. 245 verhaald. Het komt echter ook voor, dat zulke zaden door waterhoenders van plas tot plas worden verspreid. Om de voedzame zaden te krijgen, hakken de genoemde dieren de vruchten der Waterlelies met hun snavel open, waarbij haast onvermijdelijk eenige der door slijmige massa's omhulde zaden aan de borstelige haren bij de mondhoeken blijven kleven. Als nu de waterhoenders van hun maal plotseling worden opgeschrikt, en niet meer tijd hebben, hun snavel eerst te reinigen, dragen zij de eraan vastgekleefde zaden mee weg en strijken ze eerst weer in een anderen plas af.

Klevende vruchten. 1. Saleia glutinosa. 2. De klierdragende haren van den vruchtkelk van deze, tiO-niaal vergroot. 3. Plumbayo capensis. 4. Pisonia aculeata. 5. De klierdragende haren van don vruchtkelk van deze, 60-maal vergroot. 6. Linnaea borealis. 7. Vrucht van deze, 5-maal vergroot.

De vruchten en zaden van verscheiden planten blijven aan voorbijstrijkende dieren hangen door eigen klier ha ren, dat is door middel van roode cellen en celgroepen, die door steelvonnige, uit de opperhuid voortgekomen oiganen worden gedragen en op welker oppervlakte kleverige, slijmige en harsachtige stoffen zijn ontstaan, zooals de afbeelding hierboven in verschillende vormen Iaat zien. De klierharen ontstaan op de meest uiteenloopende plantendeelen. Rij Boerhavia, Arfenocarpus en Pisonia, de laatste afgebeeld in Fig. 4, is het de vrucht, bij Saleia glutinosa, Fig. 1, en do verschillende soorten van het geslacht Phimbago, met name Plumbago capensis, Fig. 3, de kelk; bij de noordsche Linnaea borealis, Fig. 6 en 7, een dicht tegen de vrucht gedrukt paar schutbladeren, die met klierharen zijn bezet. Hij de soorten van het geslacht Sirgesbekia zijn de bootvormig uitgeholde schubben van het omwindsel, alsook

Sluiten