Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bloemruikers te plaatsen in vazen en manden, die in de oudheid slechts zelden tot decoratie van het altaar en nog minder dikwijls ter opluistering van woonvertrekken werden gebruikt, en toenmaals werden er zelfs uitvoerige verhandelingen geschreven en geïllustreerde handleidingen in t licht gege\en. die op de uitvoerigste en tot de kleinste bijzonderheden afdalende manier zich bezighielden met de regelen voor de rangschikking van bloemen en bladeren in de dikwijls zeer gecompliceerd ingerichte vazen en manden.

In den oudklassieken tijd speelde onder alle als sieraad en decoratie gebruikte kunstmatige groepeeringen van versche bloemen, bladeren en ranken de krans verreweg de belangrijkste rol. De krans is in den eigenlijken zin eene uitvinding der Hellenen. Zij waren er ook een weinig trotsch op. en schreven de vinding toe aan Dionvsos, terwijl Stephanos genoemd wordt als degene, die zich het eerst met het vervaardigen van kunstig gemaakte kransen bezighield en wiens naam ook op den krans overging. „Stephanos" beteekent namelijk „bloemkrans", Stephania of Stephanion is de met bloemen bekranste persoon. Ook Pausius en Glycerias werden in den tijd van de honderste Olympiade als kunstenaars genoemd, die in de kleurenschikking en de groepeering der tot kransen gebonden bloemen, bladeren en ranken een buitengewonen smaak wisten te ontwikkelen.

In de vroegste oudheid mocht alleen den goden de eer van een krans te beurt vallen, later bekranste men ook de slachtoffers en de altaars; de priesters bekransten zich en de geloovigen volgden liet voorbeeld. Bij den overgang des jaars op 1 Januari bracht men kransen in den Janustempel en tooide de huisdeuren met kransen; op 1 Maart bad liet feest der matronaliên plaats, en men hing dan in de tempels allerwege frissche kransen op; den 28sten April werden ter eere van Flora alle huizen met bloemkransen versierd; op een bepaalden voorjaarsdag bekranste men de kinderen, die drie jaar oud waren; den 15den Qctober vierde men de fontinaliën, tooide de putten met kransen en wierp

kransen in de bronnen.

Niet alleen de bruid, doch ook de bruidegom en alle gasten droegen bij bruiloften kransen op het hoofd. De dooden werden met kransen van Narcissen, Asphodillen en Cypressen versierd. Zegevierende veldheeren en dichters werden met Laurierkransen geëerd, die met grooten luister werden uitgereikt; de bevrijders van belegerden kregen de uit grassen vervaardigde Corona obsidionalis; wie een Romeinsch burger het leven had gered, dien werd de van Eikenloof gewonden Corona civica vereerd. Verliefden, die van hun gevoelens blijk wilden geven, schonken elkander bloemkransen of tooiden hunne huisdeuren ermee. Bijna bij alle aanleidingen tot vreugde werden kransen gevlochten, en toen Severus zijn-intocht hield in Rome, was het geheele Romeinsche volk niet kransen getooid. Een plaats van gewicht vervulden de kiansen bij gastmalen. Alle deelnemers aan een „symposion" droegen kransen op het hoofd en wel in hoofdzaak kransen van Klimop en Crocus, omdat men aan die beide planten de eigenschap toeschreef, dronkenschap te voorkomen. Maar ook andere planten, vooral Hozen, werden voor die kransen gebruikt, Men onder-

A. Kf.rner von Marilaun, Het loven der planten. IN.

Sluiten