Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(zie blz. 392) kon men des avonds, als men geen last meer van de zon had te duchten, op het platte dak gaan wandelen en bij die gelegenheid de bloemtapijten, die zich uit Byzantium naar het Westen hadden verspreid, goed overzien.

Deze verbinding van den Oudromeinschen en den Oosterschen stijl is, naar het schijnt, beperkt gebleven tot dezen enkelen tuinaanleg bij Weenen en is daar na den aanleg van den tuin te Schönbrunn, waarop wij nog terugkomen, weer verdwenen. Eenig in zijn soort is ook de tuinaanleg van het Isola Bella in 't Lago Maggiore. De. tuin werd in het jaar 1671 op een klein rotsachtig eiland aangelegd en te dien einde werd een enorme massa aarde op schepen aangevoerd. De geheele aanleg is naar vier zijden terrasvormig opgebouwd en wordt vergeleken met de hangende tuinen van Semiramis in Babyion. De plantenversiering, vooral de door bogen gesteunde berceaux, alsook de talrijke

Tuin in 1552 op do Tlakto bij Simmcring in <le nabijheid van Wccnen aangelfgd. Naar Mkiiiaxs Topcgraphia Vronnciae Austriacae van 1G49. Zie blz. 399.

beelden, obelisken en bloemvazen zijn geheel in den stijl van den baroktijd gemaakt, en gerangschikt zooals bovenstaande afbeelding laat zien.

De tuin bij het keizerlijk lustslot Schönbrunn bij Weenen, afgebeeld op blz. 402, die in 1743 werd ontworpen, is in hoofdzaak in Franschen stijl aangelegd, herinnert echter met het groote perk voor den hoofdgevel van het gebouw, afgesloten met een groot, door figuren omzoomd waterbekken en waarachter zich een met een zoogenaamde gloriette gekroonde heuvel verheft, aan de Oud-Italiaansche tuinen. De hooge boomen om het middelveld doen zich voor als groene wanden, maar zij gaan naar den kant van den heuvel over in ongeschoren boomgroepen en herinneren daardoor aan een tuin, in den zoogenaamden landschapsstijl, die zich in dien tijd begon te ontwikkelen.

Vóór wij tot dien aanleg overgaan, moet hier nog worden gesproken over

Sluiten