Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hippuris 25, 166.

Hoefblad. Groot 164, 165, 294.

„ . Klein 164, 294.

Hoefvormige Tricholoma 154.

Homerus 389.

Homochrome bloemen 110.

Homogyne al pi na 304.

Honderdjarige Aloë 413.

Hondsdraf 171, 376.

Hondsroos 90.

Hondstong 361.

Honigbloem 48.

Honigklaver 299,

„ . Blauwe 353.

Hoofdjesgallen 58.

Hoogbosch 293.

Hooge Steenbreek 412.

Hoogstengelige Sleutelbloem 128. Hoogtegrenzen 286.

Hooi. Zoet en zuur — 358.

„ . Berg- 358.

Iloornbloem 54, 83, 238.

„ . Kleverige 272. Hoorntjesgallen 58.

Hop 252, 344, 352, 363, 425.

Hopbeuk 256.

Hopfenbuche 256.

Hopspruiten 344.

Hordeum 338.

„ vulgare 338.

„ hexastichon 338. „ zeocriton 338.

Hormomyia 67.

„ caprea 67.

fagi 65, 67. „ juniperina 80*, 81, 88. „ poae 55. „ Réamuriana .69, 70*

Hortus Eystettensis 412.

Hottonia palustris 184.

Houtsoorten. Herkomst der verschil-

schillende — 327.

Hout. Zacht en hard — 327.

Hugo de Vries 144, 147.

Huislook 47, 48*, 171, 207, 379, 396, 381.

Huiszwam 153.

Hulst 266, 379, 381, 425.

Humulus 425.

lupulus 247*, 252, 344, 352, 363.

Humus 16.

Huppelende vruchten 239*.

Hura 232.

„ crepitans 234.

Hutchinsia alpina 13.

. brevicaulis 13.

Huttentut 358.

„ . Gewone 83.

Hyacinten. 382, 386, 411, 413. Hyaenanthe 232.

Hybiscus syriacus 413.

Hybriden 92.

„ . Eigenschappen der — in verband met de stamouders 95.

„ . Geur van — 104. „ . Grootte van bladeren en

bloemen bij — 114. „ . Haren en klierharen bij 102.

„ . Kleur der bloemen van 107.

, . Samensmelting, vereeniging en vermenging der eigenschappen van de stamsoorten 99, 100. „ . Snelle ontwikkeling der — 114.

„ . Triple- 98.

„ . Verandering in de verdeeling der geslachten bij •— 115. „ . Verdubbeling of vulling der

bloemen bij — 115. „ . Vier-, vijf- en zesvoudige 99. „ . Zie ook Bastaarden.

Hydnum 345.

Hydrastis canadensis 363.

Hydrocharis 221.

„ morsus ranae 182, 184*, 185*.

Hydrodictyaceeën 181.

Hydrodictyon utriculatum 181. Hydrurus 300.

Hjloconiium splendens 175, 303.

„ triquetrum 303. Hymenocarpus 250.

Hymenomyceten 7, 193, 219. Hyoscyamus 264.

„ albus 27.

„ niger 282, 371. Hypericum 126.

„ fragile 287. „ perforatum 377, 379. Hypertrophie 42.

Hyphaene Tliebaica 389.

llypnaceeën 174.

Hypneeën 303.

Hypnuin aduncum 124.

„ fluitans 124.

Halleri 159. „ lycopodioides 124. „ rugosum 198.

„ Sclireberi 303.

Sluiten