Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bloemen wit, in losse, eindelingsche bijschermen. Hunne stelen zijn na den bloeitijd teruggeslagen.

Bladen lijnvormig en doordien in de bladoksels takken met verkorte leden staan, schijnbaar kransstandig.

Eenjarige, kruidachtige planten.

Tabel tot het determineeren der soorten van het geslacht Spergula.

A. Zaden lensvormig , met een zeer smallen, gladden vleugelrand. Bladen van onderen met een groef in de lengte S. arvensis blz. 130.

B. Zaden afgeplat, breed gevleugeld. Bladen niet gegroefd. . . . s. Morisonii blz. 131.

S. arvérsis') L. Spurrie (fig. 144).

Uit den penwortel komt een stengel, die dicht bij den voet sterk vertakt is. De takken zijn opstijgend en evenals de bladen min of meer klierachtig behaard.

De bladen zijn lijn-priemvormig, van boven gewelfd, van onderen met

een groef in de lengte. De steunbladen zijn breed, vliezig.

De bloemen staan in onregelmatige bijschermen en zijn wit. De bloemstelen zijn lang, na den bloei teruggeslagen. De kelkbladen zijn ovaal, stomp, wit gerand. De kroonbladen zijn ovaal, stompen omstreeks even lang als de kelk (fig. 144). Meeldraden meest 10. De doosvrucht is ovaal, weinig langer dan de kelk. De zaden zijn lensvormig, met een smallen, gladden vleugelrand en zijn met kleine wratjes bezet. O. 1,5-6 dM. Juni—September.

Vormen hiervan zijn:

«. vulgaris2) Boenngh. Zaden met witachtige, ten slotte bruinachtige wratjes bezet.

|S. sativa3) Boenngh. Zaden zwart, kaal, met zeer fijne puntjes.

y. maxima4) Weihe. Plant in haar geheel krachtiger dan Zaden 3-maal zoo groot.

Biologische bijzonderheden. Op heldere of vrij heldere dagen zijn de bloemen van 1 tot 5 uur (volgens anderen van 10 uur tot 4 uur open) en dan bewegen zich ook de meeldraden naar buiten en openen zich de helmknopjes. Ook de stijlen bewegen zich naar buiten en zoo sterk, dat zij vaak de buitenste helmknopjes aanraken en zoo zelfbestuiving bewerkt wordt. In dien tijd is ook kruisbestuiving door insecten mogelijk, doch deze is vrij zeldzaam vooral bij de tusschen Juni en September bloeiende planten. Sluit de bloem zich weer, dan is er weer kans op spontane zelfbestuiving.

Bij ongunstig weer blijft de bloem gesloten, doch de helmknopjes der buitenste meeldraden zijn even goed opengesprongen en de stuifmeelkorrels die aan de hokjes blijven kleven, drijven stuifmeelbuizen in het stijlweefsel, zoodat als het den volgenden dag fraai weer is en de bloemen zich dan openen, de helmknopjes niet naar buiten kunnen gaan, daar zij aan de stijlen verbonden zijn.

Voorkomen in Europa en in Nederland. De plant komt in geheel Europa op bebouwden en onbebouwden zandgrond voor. Zoo ook bij ons. De

Spergula arvensis

Fig. 144.

') arvensis = veld. !) vulgaris = gewoon. 3) sativa = gekweekt. ') maxima = grootste.

Sluiten